Schoolreglement
1. Contacten
|
|
Schoolbestuur
Aanbod |
VZW Vrije Basisscholen Telefoon: 011/45 11 24 e-mail: detoverfluit@scarlet.be Adres vestigingsplaats: Horionweg 5 3550 Heusden-Z. Telefoon
vestigingsplaats: 011/ 42 04 78 |
|
|
Directie
beleidsmedewerker Zorgcoördinator |
Naam: Devoge C. Telefoon: 011/45 11 24 of 0473/68 10 44 e-mail:
marinavanhaeren@hotmail.be Naam: Vandevoort Lutgarde Telefoon: 011/45 11 24 e-mail: buro.lut@scarlet.be Naam: Geerts Mia e-mail: tovergok@scarlet.be |
|
|
Schooluren
|
Uren: ma, di, do en vr De lessen beginnen stipt om: 08.30 uur
|
|
|
Voor- en naschoolse opvang
|
Buitenschoolse
kinderopvang Indien je onverwacht niet tijdig op school
kan zijn om je kind af te halen, dien je de school te verwittigen. Je kind
wordt dan naar de opvang gebracht. De school geeft naam, adres en
telefoonnummer van je kind door aan de opvang. Vanuit de opvang wordt dan
gevraagd achteraf de inschrijving in orde te maken. |
|
|
Middagpauze |
Uren: 12.05 uur tot 13.15 uur De kinderen die ’s middags naar huis gaan, worden ten vroegste om 13.00 uur terug aan school verwacht. |
|
|
Vakanties Vrije dagen
|
Herfstvakantie:31/10/11 t.e.m. 06/11/’11 Kerstvakantie:26/12/’11 t.e.m. 08/01/’12 Krokusvakantie:20/02/12 t.e.m.26/02/12 Paasvakantie:02/02/12 t.e.m.15/04/12 Zomervakantie:01/07/12 t.e.m.31/08/’12 - vrijdag 07/10/11( lok. verlofdag ) - maandag 05/12/12 - woensdag 07/03/12 |
|
|
Lichamelijke opvoeding |
Aanbod: De kleuters krijgen elke week twee uur bewegingsopvoeding. |
|
2.
Samenwerking |
||
|
|
Oudercontacten
|
Aanbod: A. Infoavonden Wijze waarop de school contact opneemt: De precieze data worden nog
meegedeeld op de website en via een persoonlijke uitnodiging. |
|
|
Centrum Leerlingbegeleiding - Verplichte medewerking van de ouders bij spijbelen en medische onderzoeken - Zorgprocedure (wijze waarop de school en het CLB de ouders en leerlingen betrekken in het zorgbeleid) |
Naam: “Vrij Centrum voor Leerlingen- Adres: Saviostraat 39 Telefoon: 011/52 52 05 Contactgegevens begeleider
CLB: Zitdagen van mevr. Vrancken op school zelf Dondernamiddag van 13.30u
tot 15.15u Contactgegevens arts CLB: Openingsuren van het
centrum: De school stelt samen met het CLB een beleidscontract op. Daarin maken school en CLB afspraken over
ieders rol in de begeleiding van de leerlingen. Dat contract werd ook
overlegd met de schoolraad. Alles draait rond de leerling De leerling
kan rechtstreeks of via zijn ouders of leerkrachten bij het VCLB terecht
met vragen over zijn:
Ook ouders en leerkrachten
zijn welkom met hun vragen. Ze zijn immers als eerste verantwoordelijk
voor de opvoeding en vorming van het kind. Vooral vraaggestuurd De CLB’s zijn afgestemd op die evolutie. Ze geven dus geen ongevraagde
adviezen. Samen met de cliënt gaan ze op zoek naar een haalbare oplossing
voor de vraag.
Maar ook preventie CLB’s pakken niet alleen problemen aan, ze proberen
ze ook te voorkomen. Problemen als pesten op school, ongewenste zwangerschap,
druggebruik kan men verminderen of voorkomen met gerichte acties op school.
Het CLB biedt ondersteuning aan de school. Begeleiding
op vraag, maar ook verplichte begeleiding Voor een CLB-begeleiding is altijd een uitdrukkelijke toestemming
nodig van de ouders indien de leerling jonger is dan 14 of van de leerling
zelf indien hij ouder is dan 14 jaar. De begeleiding door een CLB is in drie gevallen verplicht: q medische onderzoeken (1e en
2e kleuterklas, 1e, 3e en 5e leerjaar basisonderwijs, 1e en 3e jaar
secundair onderwijs, in het buitengewoon onderwijs worden de leerlingen
onderzocht in het kalenderjaar dat ze 4, 5, 7, 9, 11, 13 en 15 jaar worden), q maatregelen bij besmettelijke ziekten en q tussenkomsten bij spijbelgedrag kunnen
noch door de ouders, noch door de leerling geweigerd worden. Bij het medisch onderzoek is wel verzet mogelijk tegen een bepaalde
arts of een centrum waarmee de school een overeenkomst heeft afgesloten. Het
onderzoek zelf moet echter wel worden uitgevoerd. In geval van verzet tegen
de CLB-arts of het CLB waarmee de school samenwerkt, moeten ouders of
leerlingen (op eigen kosten) het onderzoek laten uitvoeren door een andere
daartoe erkende arts of een ander CLB naar keuze. Voor meer informatie over
die procedure neemt men contact op met de directeur van een CLB. Ook de
school kan daarover informatie verstrekken. Een serieuze
wetenschappelijke basis Op het
CLB komt een onvoorstelbare waaier aan problemen toe: een diagnose voor
dyslexie, een vraag om opvoedingsondersteuning, mijn kind heeft... ADHD,
lees- en rekenproblemen, slaapproblemen, angst om naar school te gaan,
zelfmoordgedachten, wordt gepest, spijbelt, krast zich, heeft geen motivatie... Allemaal vragen die een grote deskundigheid van de hulpverlener eisen.
Een leerprobleem wordt dikwijls een opvoedingsprobleem, dyslexie heeft
onderwijskundige, medische en opvoedkundige aspecten enz. Op dergelijke vragen moet een doordacht en wetenschappelijk verantwoord
antwoord volgen. Een sterke troef in het CLB is het teamoverleg op
maandagnamiddag, waar arts, verpleegkundige, psycholoog,
pedagoog en maatschappelijk werker ideeën uitwisselen. Op
sommige vragen krijgt men meteen een antwoord. Vaak is een verhelderend
gesprek voldoende. Soms is extra hulp en ondersteuning nodig. Samen met de
CLB-medewerker werkt men dan aan een oplossing. Indien nodig vindt er een
medisch, psychologisch en/of sociaal onderzoek plaats. In een aantal gevallen
verwijst het CLB voor verdere behandeling of begeleiding door naar een meer
gespecialiseerde gezondheids- of welzijnsdienst. Hulp
voor wie die hulp het meest nodig heeft In de huidige maatschappij heeft men in de hulpverlening vooral
aandacht voor mensen die beperkt zijn in hun kansen. Denk maar aan het
solidariteitsprincipe in de sociale zekerheid, gelijke onderwijskansenbeleid
… Dat geldt ook voor de CLB’s; de wetgever wil dat de CLB’s prioritair
aandacht hebben voor groepen die in hun kansen mogelijk bedreigd zijn: leerlingen
uit het buitengewoon onderwijs, deeltijds onderwijs, beroepssecundair
onderwijs, laaggeschoolde milieus, allochtonen … De tussenkomsten van het CLB zijn gratis
en gebeuren met de grootste discretie en met respect voor het privé-leven.
|
|
|
Gemeente Schoolopbouwwerk
|
Naam
en gegevens van contactpersonen: Kathleen Vandenput Doel:- samenwerking tussen gemeente en school Afspraken: deze maken deel uit van het groot kernteam
|
|
|
Commissies: -Beroepscommissie
-Commissie inzake Leerlingenrechten -Commissie Zorgvuldig Bestuur |
Adres: Bonnefantenstraat
1
Voorz. van het
LOP Basisonderwijs Dienst
Maatschappelijke Begeleiding Heldenplein 1 3550
Heusden-Zolder 011-53 73 71 Adres: Koning Albert-II laan 15, 1210 Brussel H.
Consciencegebouw 2A25
|
Een inschrijving kan pas ingaan na instemming
met het pedagogisch project
en het schoolreglement.
Inschrijfperiode nieuwe leerlingen
Kleuteronderwijs
° Wettelijke
opgelegde instapdata voor 2,5-jarige kleuters zijn:
-de eerste schooldag na de
zomervakantie,
-de eerste schooldag na de
herfstvakantie,
-de eerste schooldag na de
kerstvakantie,
-de eerste schooldag van februari,
-de eerste schooldag na de
krokusvakantie,
-de eerste schooldag na de
paasvakantie,
-de eerste schooldag na O.L.H.
Hemelvaart.
° De kleuterschool schrijft kleuters in
telkens gedurende:
-
de laatste week van augustus,
-
de week voor de herfstvakantie,kerstvakantie, krokusvakantie,paasvakantie,
-
de week voor 1 februari,
- de week voor O.L.H. Hemelvaart.
- en verder na een persoonlijke of telefonische afspraak
Afwijkingen
- Ouders kunnen hun kind één
jaar langer in het kleuteronderwijs houden of één jaar
vroeger het lager onderwijs laten
beginnen. Deze beslissing kunnen de ouders pas
nemen nadat ze het advies van zowel de
klassenraad als het CLB-centrum hebben
ingewonnen. Deze afwijking blijft
beperkt tot één jaar. Dit zijn leerplichtige
leerlingen. De ouders dienen dan ook
alle wettelijke verplichtingen daaromtrent te
volgen.
- Ouders van een leerplichtig kind van
vreemde nationaliteit moeten ervoor zorgen dat
hun kind daadwerkelijk onderwijs
volgt vanaf de zestigste dag na de inschrijving in
het vreemdelingen- of
bevolkingsregister.
De inschrijving gebeurt aan de hand van een officieel document
zoals:
- een
uittreksel uit de geboorteakte
- het
trouwboekje van de ouders;
- de
identiteitskaart van het kind;
- het
bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister;
- de
reispas voor vreemdelingen.
De ouders ondertekenen een
schriftelijke verklaring waarin ze bevestigen dat hun
kind niet in een andere school is
ingeschreven.
Bij
de eerste inschrijving ontvangen de ouders deze brochure (informatie en
schoolreglement) en volgende
formulieren:
- kennisneming
van het schoolreglement, ontvangst “Informatie aan de
ouders”
- verklaring:
inschrijving van de leerling in één school.
Weigeren
Bij inschrijving van een kind, met een inschrijvingsverslag voor het buitengewoon onderwijs, zal de school haar draagkracht bekijken. De school zal onderzoeken of ze de nodige ondersteuning kan bieden aan dit kind op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging. Het onderzoek in overleg met de ouders, het CLB en het schoolteam kan enkele weken duren. Na dit onderzoek wordt de beslissing aangetekend of tegen afgiftebewijs binnen 4 kalenderdagen aan de ouders bezorgd. De ouders krijgen toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur door de directeur. Bij weigering neemt het Lokaal Overlegplatform contact op met de ouders. Een klachtenprocedure bij weigering is mogelijk.
4.
Organisatie
van de leerlingengroepen
De klassenraad beslist, in overleg en in samenwerking met het CLB dat onze school begeleidt, of een leerling kan overgaan naar een volgende leerlingengroep.
Het is de klassenraad die beslist in welke leerlingengroep een leerling, die in de loop van zijn schoolloopbaan van school verandert, terechtkomt.
Leerlingengroepen kunnen heringedeeld worden op basis van een gewijzigde instroom. (Bijvoorbeeld in de kleuterschool na een instapdatum).
5.
Schooluitstappen
(Extra-muros activiteiten)
Eéndaagse
uitstappen
·
Doel: - kennismaking met iets nieuws.
-
concrete verduidelijking van wat in de klas in een belangstellings-
centrum werd geleerd.
-
deelname aan groepsactiviteiten.
-
culturele en sportieve activiteiten.
·
Aanbod: Omdat onze kleuters in de
klas met belangstellingscentra werken die
mede worden bepaald door de omgeving en door
de interesses van de
kinderen is het erg moeilijk reeds vooraf
een jaarplanning op te maken.
Verder zijn we nog in onderhandeling met het
Sint-Franciscuscollege
in verband met een gezamenlijk gebruik van
hun bus.
Wij verbinden er ons in ieder geval toe dat
alle kleuters in de loop van
het schooljaar
-
minstens één muzische voorstelling bijwonen,
-
aan minstens één sportieve activiteit meedoen, hetzij binnen of
buiten de school,
-
minstens één buitenschoolse activiteit doen die aansluit bij een
belangstellingscentrum.
Hierbij trachten we ook binnen het door de
overheid vooropgestelde
budget te blijven.
De ondertekening van dit schoolreglement geldt als toestemming voor deelname aan de ééndaagse uitstappen. Indien de ouders de toestemming bij een ééndaagse extra-muros activiteit weigeren, dienen zij dat vooraf aan de school te melden.
6.
Orde- en
tuchtmaatregelen
Elke klastitularis stelt samen met zijn leerlingen een gedragcode op.
Wanneer een kleuter de goede werking van de school hindert of het lesverloop stoort, kan door elk personeelslid van de school een ordemaatregel genomen worden.
Mogelijke ordemaatregelen zijn:
Voor kinderen waar ordemaatregelen geregeld voorkomen, wordt in overleg met ouders en CLB een begeleidingsplan opgemaakt. Wanneer het gedrag van de kleuter, ook met een begeleidingsplan, een probleem wordt voor het verstrekken van onderwijs of om het opvoedingsproject te realiseren, kan er een tuchtmaatregel genomen worden.
Mogelijke tuchtmaatregelen zijn:
Bij het nemen van een beslissing tot schorsing van meer dan één dag of tot uitsluiting wordt de volgende procedure gevolgd:
Beroepsprocedure:
1. Binnen vijf dagen na ontvangst van de beslissing tot uitsluiting kunnen ouders schriftelijk beroep indienen bij de voorzitter van de beroepscommissie (zie punt 3 samenwerking).
2. De beroepscommissie komt samen vijf werkdagen na ontvangst van het beroep. De leerling en de ouders worden opgeroepen om te verschijnen voor deze beroepscommissie.
3. Intussen hebben de ouders inzage in het dossier.
4. De beroepscommissie brengt de ouders binnen vijf werkdagen per aangetekende brief op de hoogte van haar gemotiveerde beslissing. Deze beslissing is bindend voor alle partijen.
Als ouders geen inspanning doen om hun kind in een andere school in te schrijven, krijgt de uitsluiting effectief uitwerking na één maand (vakantiedagen niet meegerekend). Is het kind één maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een andere school ingeschreven, dan is de oude school niet langer verantwoordelijk voor de opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn de ouders die erop moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet. Het CLB kan mee zoeken naar een oplossing.
Ten
gevolge van een definitieve uitsluiting het vorige of het daaraan voorafgaande
schooljaar kan het schoolbestuur de betrokken kleuter weigeren terug in te
schrijven.
11. Bijdrageregeling
|
Niet
verplicht aanbod per klas |
Prijs |
|
Middagtoezicht Drank Tijdschrift Kalender met klasfoto |
Gratis Niet van toepassing nIet van toepassing 3 euro |
|
Totaal
voor het schooljaar 2011-2012 |
3euro |
|
Maximum
factuur per kleuter |
20 euro |
12. Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning
Personen
en bedrijven die de school sponsoren worden vermeld in de schoolkrant en
tijdens het jaarlijkse schoolfeest.
13. Vrijwilligers
Onze school maakt bij de organisatie van een aantal activiteiten gebruik van vrijwilligers. De vrijwilligerswet verplicht de scholen om de vrijwilligers over een aantal punten te informeren. De school doet dit via onderstaande bepalingen.
Organisatie
De VZW Vrije Basisscholen
Pastorijstraat 1
3550 Heusden-Zolder
Maatschappelijk doel: het organiseren van basisonderwijs
De organisatie heeft een verzekeringscontract afgesloten tot dekking van de burgerlijke
aansprakelijkheid, met uitzondering van de contractuele aansprakelijkheid, van
de organisatie en de vrijwilliger. Het verzekeringscontract werd afgesloten bij
IC/CI
( Interdiocesaan Centrum )
Er wordt geen onkostenvergoeding voorzien.
Een vrijwilliger gaat discreet om met geheimen die hem/haar zijn toevertrouwd.
14. Welzijnsbeleid
1.
Preventie
·
Verwachtingen naar de ouders:
- Heb interesse voor wat je kind op school heeft
geleerd, beleefd, ervaren.
- Zorg voor een goede hygiëne van je kind.
- Zorg dat je kind voldoende nachtrust heeft.
Met eventuele vragen of opmerkingen hieromtrent kan je steeds op school
terecht.
·
Verwachtingen naar de kinderen:
- Afval wordt op de juiste plaats verzameld.
- Pesten hoort niet thuis in onze school.
- Als er een probleem is, vertel het dan steeds aan je leerkracht.
2.
Verkeersveiligheid
3.
Medicatie
In uitzonderlijke gevallen kan een ouder aan de school vragen om medicatie toe te dienen aan een kind. Deze vraag moet bevestigd worden door een formulier ingevuld door de ouders en de dokter dat de juiste dosering en toedieningswijze bevat.
Wanneer een leerling ziek wordt op school, dan zal de school niet op eigen initiatief medicatie toedienen. Wel zullen de ouders of een andere opgegeven contactpersoon verwittigd worden en zal hen gevraagd worden de leerling op te halen. Wanneer dit niet mogelijk is, zal de school een arts om hulp verzoeken.
4.
Stappenplan bij ongeval of ziekte
Eerste hulp
· Wie: de directie of de secretaresse verlenen de eerste zorgen.
· Hoe: opvangen van het kind en zorgen voor een elementaire verzorging. Bij ernstige gevallen worden de ouders op de hoogte gebracht en wordt het kind – indien nodig – naar de dokter of het ziekenhuis gebracht.
Ziekenhuis: Sint-Franciskusziekenhuis
Pastoor Paquaylaan
129
3550 Heusden-Zolder
Dokter: We nemen contact op met de dokter die
het snelst voor deskundige verzorging
kan instaan. We contacteren
meestal dokter Claes of dokter Weyens.
Verzekeringspapieren
·
Procedure
Ongevallen en de schoolverzekering
De verzekering
“Schoolongevallen” is voor vele ouders een waar probleem.
Gaarne willen wij U
enkele nuttige gegevens meedelen.
Eerst en vooral willen
wij erop wijzen, dat er geen enkele wettelijke verplichting is voor de school
om een uitgebreide “schoolongevallenverzekering”
te
onderschrijven.
De school moet alleen de “burgerlijke aansprakelijkheid”, die
haar of haar
leerlingen ten laste gelegd wordt, door een verzekeringscontract laten dekken,
om op deze wijze financiële moeilijkheden te voorkomen.
BURGERLIJKE
AANSPRAKELIJKHEID:
“Burgerlijke aansprakelijkheid” wil zeggen: alle schade die men
iemand kan
ten laste leggen, voor schade
aan derden, veroorzaakt door een persoonlijke
fout of door voorwerpen die
aan die persoon toebehoren of onder zijn beheer
vallen.
- Aansprakelijkheid van uw kind tijdens
schoolactiviteiten
Ingevolge
art. 45 van de wet op de landverzekering en ingevolge de B.V.V.O.-
overeenkomst van 01.06.94, is
de familiale verzekering van de ouders
prioritair gehouden tussen te
komen.
Wij raden U dan ook aan een
familiale verzekering af te sluiten.
- Aansprakelijkheid van uw kind op de
schoolweg
De aansprakelijkheid van het
kind dient geregeld te worden via de familiale
verzekering
van de ouders.
M.a.w. voor ieder ongeval
waarbij de aansprakelijkheid van uw kind betrokken
is, dient U aangifte te doen
aan uw familiale verzekeraar.
De schoolverzekeraar heeft het
nuttig geoordeeld een uitgebreid verzekerings-
contract te onderschrijven,
waardoor niet alleen de ongevallen “burgerlijke
aansprakelijkheid”
vergoed worden, doch ook de “persoonlijke
ongevallen” (bv. een gewone
val op de speelplaats of in de klas).
INDIVIDUELE
ONGEVALLENVERZEKERING
- Individuele ongevallen overkomen aan leerlingen tijdens
schoolactiviteiten en op weg van en naar school, voor zover er geen
motorvoertuig bij betrokken is, vallend onder de verplichte
motorvoertuigenverzekering.
De schoolverzekeraar neemt de
dokters-, apothekers-, en aanverwante kosten ten laste, na tussenkomst van de
Mutualiteit en voor zover er geen beroep kan gedaan worden op een individuele
ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, …
De waarborgen overlijden en blijvende
invaliditeit echter zijn cumuleerbaar met de uitkeringen in andere
verzekeringscontracten.
- Wat indien er zich een ongeval heeft voorgedaan waarbij een
motorvoertuig is betrokken, vallend onder de verplichte
motorvoertuigenverzekering?
a. Lichamelijke schade
Ingevolge de wet van 30.03.94 art. 45
die van kracht is sedert 01.01.95 (objectieve aansprakelijkheid bestuurder)
dient de motorvoertuigenverzekeraar deze schade te vergoeden.
b. Stoffelijke
schade
Deze schade dient via uw
familiale verzekeraar verhaald te worden op de aansprakelijke derde.
Wat te doen bij een lichamelijk ongeval overkomen aan uw kind tijdens:
- schoolactiviteiten
- op weg van en naar school
(geen aanrijding met een
motorvoertuig)
1. De
aangifte van het ongeval - door de
school in te vullen - dient samen met het medisch getuigschrift (in te vullen
door de behandelende geneesheer) aan ons verzonden te worden.
2. De
ontvangen onkostennota’s dienen in eerste instantie door de ouders vereffend te
worden. Met behulp van de ontvangen nota’s, gelieve U zich dan te wenden tot de
Mutualiteit voor haar tussenkomst.
- DEEL
1 van de uitgavenstaat dient bij deze gelegenheid door de Mutualiteit ingevuld
te worden.
- DEEL
2 dient door uzelf ingevuld te worden, voor o.a. de apothekerskosten, e.d.m.
Voor deze laatste kosten dienen de originele bewijsstukken bijgevoegd te worden
(factuur ziekenhuis, attest 704 voor apothekerskosten, …) Zo de uitgaven
beperkt zijn - en men voorziet niet dat er nog verder kosten zullen volgen -
mag de uitgavenstaat, samen met de aangifte en het medisch attest, overgemaakt
worden aan de school.
In
het tegenovergestelde geval, mag de uitgavenstaat later verzonden worden.
Indien u vrij veel kosten
heeft, kan u steeds een tussentijdse terugbetaling vragen.
Zo
u bij de Mutualiteit verzekerd bent, enkel voor grote risico’s, dient u toch DEEL
1 van de uitgavenstaat aan te bieden aan de Mutualiteit, samen met de onkostennota’s.
De
Mutualiteit zal dan verklaren dat u enkel verzekerd bent voor grote risico’s.
Alle originele bewijsstukken dienen bijgevoegd te worden.
Het
medisch getuigschrift, eventueel reeds samen met de uitgavenstaat overmaken aan
de school, zodat zij de stukken samen met de aangifte kunnen overmaken.
Materiële
schade aan o.a. fiets, kledij e.d. is in de ongevallenverzekering niet gedekt.
SAMENGEVAT:
- Schoolongeval
met lichamelijk letsel tijdens de schoolactiviteiten:
*
aangifte door school aan Interdiocesaan Centrum, Kempische
Steenweg 404,3500 Hasselt
.
*
aangifte aan persoonlijke afgesloten ongevallen-, hospitalisatie- of groepsverzekering.
- Schoolongeval
met lichamelijk letsel op weg van en naar de school
zonder voertuig of derde
(fietser enz.)
*
zie hierboven
- Schoolongeval
met lichamelijk letsel op weg van en naar de school
met betrokkenheid van
motorvoertuig of een derde.
*
aangifte familiale of eigen autoverzekering (inzittende)
*
aangifte door school aan Interdiocesaan Centrum
*
aangifte eigen ongevallen-, hospitalisatie- of groepsverzekering
- Schoolongeval
in de instelling of op weg van en naar de school
waarin de Burgerlijke
Verantwoordelijkheid betrokken is
* aangifte
familiale
* aangifte
door school aan Interdiocesaan Centrum
Er geldt een algemeen rookverbod voor iedereen in alle gesloten ruimten op school. In open plaatsen geldt dit verbod op weekdagen tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Tijdens extra-murosactiviteiten is het elke dag verboden te roken tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Bij overtredingen van dit rookverbod kunnen er orde- en tuchtmaatregelen getroffen worden.
15.
Leefregels
1. Gedragsregels
· Speelplaats:
* Vanaf 8.00 uur ‘s morgens is
de toezichthoudende leerkracht aanwezig.
* ‘s Morgens spelen de kinderen alleen
op de verharde speelplaats.
* Tijdens de kleine speeltijden en bij
goed weer op verharde speelplaats.
* ‘s Middags op de verharde speelplaats.
* Afval wordt steeds in de vuilnisbak
geworpen.
* Niet spelen met de bal onder de overdekte
speelplaatsen.
* Geen rolschaatsen.
* Geen gevaarlijk of ruw spel, scherpe
voorwerpen, bommetjes …
* Niemand mag de speelplaats verlaten of
terug naar huis gaan.
* Bij het belsignaal stopt het spel en
ga je ordelijk in de klasrij staan.
* Kinderen die op één of andere manier
een gevaar zijn voor andere kinderen of die
herhaalde opmerkingen van de leerkracht negeren, worden afgezonderd en
de klastitularis wordt verwittigd.
Na overleg kan een aangepaste straf gegeven
worden. Ook de ouders worden verwittigd.
·
Klas en gangen:
- Houd uw lokaal netjes
en ordelijk.
- Kinderen betreden of
verlaten de klas of een ander lokaal enkel met de
uitdrukkelijke toelating van de
leerkracht.
- In de klas en de
gangen wordt stilte en gehoorzaamheid geëist.
- Iedereen blijft in de
klas tot aan het belsignaal (einde van de lessen).
- Bij het binnenkomen in
de klas wordt een gebed gezegd. Per klas worden
verdere afspraken gemaakt om de lessen
ordelijk te beginnen.
- De leerkracht bevindt
zich steeds bij de leerlingen in de klas.
Bij uitzonderlijke korte afwezigheid wordt de leerkracht van de
naastliggende
klas verwittigd. Deze neemt dan
tijdelijk het toezicht over.
- Bij het binnen- en
buitengaan worden de rijen begeleid door de leerkracht.
·
Houding en gedrag:
- Respect hebben voor
anderen
- Niet vechten en geen ruzie maken.
- Niemand uitschelden, geen bijnamen gebruiken.
- Eerbied hebben voor het bezit van anderen.
- Niemand pesten.
- Brieven en nota’s thuis onmiddellijk afgeven..
- Rustig zijn in de eetzaal, goede tafelmanieren hebben.
- Luisteren naar de aanwijzingen van de juf of meester.
- Steeds beleefd iets vragen aan de leerkracht.
- Beleefdheidsformules worden regelmatig ingeoefend en moeten dan ook
gebruikt worden.
- Toiletten netjes houden.
- In onze school wordt altijd Nederlands gesproken. Kinderen die zich niet aan
de afspraak houden worden gestraft.
- Ook aan alle ouders vragen we om op
het schoolterrein en op de speelplaats
Nederlands te spreken.
· Speeltijd:
Tijdens de speeltijden en tijdens de
middag kunnen de kinderen meegebrachte
boterhammen opeten. Gezonde dranken
moeten zelf meegebracht worden.
Niet toegelaten zijn:drankkartons,
energiedranken, sportdranken en vruchtenlimonades zoals cola, fanta, sprite, …
Als tussendoortje geven we de voorkeur aan fruit en koeken. Snoep is
verboden, ook bij verjaardagen.
· Eetzaal:
De school biedt aan de kinderen de mogelijkheid om ’s middags te
blijven eten.
We proberen het de kinderen zo aangenaam mogelijk te maken, maar samen eten
met velen vraagt duidelijke afspraken. We durven ook aan de ouders te vragen
hun kind niet naar de eetzaal te laten gaan indien dat niet echt noodzakelijk
is. We vragen dit in het belang van de kinderen: een maaltijd zou een moment
van rust moeten zijn, maar indien de eetzaal helemaal vol zit, kunnen we die
rust niet garanderen!
· Fietsenrekken:
- Alle fietsers springen af aan de poort en gaan met de fiets aan de
hand naar de fietsenrekken.
- De fietsers plaatsen
hun fiets in de fietsenrekken, nemen hun boekentas en gaan verder de
speelplaats op.
- Bij het verlaten van de speelplaats gaan de
fietsers met de fiets aan de hand tot buiten de poort.
· Bij uitstappen:
De kinderen gedragen zich conform de verkeersregels en de gedragsregels die aan de school gelden.
2. Kleding
Wij verwachten dat alle leerlingen zich netjes kleden. Buitensporigheden kunnen door de directie en leerkrachten verboden worden.
Houd
rekening met de volgende afspraken:
- Kies je kledij in
functie van je dagelijks schoolbezoek. Verzorgde kleding aangepast aan de
leeftijd vinden we belangrijk.
- Bij warm weer geen
ontbloot bovenlijf voor de jongens. Voor de meisjes geen te korte rokjes of
bloesjes.
- Het kapsel van onze leerlingen dient verzorgd te zijn.
- Oorringen voor
jongens en piercings voor jongens en meisjes zijn niet toegestaan.
- Geen hoofddeksel dragen in de klas.
- Na bezoek aan het
toilet, doorspoelen en handen wassen.
- Geen waardevolle
voorwerpen meebrengen
- Bij nieuwe modes
of rages kan de school bepaalde verboden opleggen.
3. verboden
In het gebouw:
·
Hoofddeksels
·
Het gebruik van een GSM
Een kind dat betrapt
wordt op het gebruik van een GSM of walkman op school
wordt het apparaat afgenomen tot het einde van de les, waarna de leerkracht het
aan de directeur of zijn afgevaardigde geeft.
Het kan enkel afgehaald worden door de ouders bij de directeur of zijn
afgevaardigde. Hieraan zal steeds een
passende straf gekoppeld worden.
Op de speelplaats en in het gebouw:
4. Milieubeleid
5. Eerbied voor materiaal
De kinderen mogen een aantal materialen gratis
gebruiken zowel op school als thuis.
( verteltassen, voorleesboekjes, de pop van Jules, … ) Zowel ouders als
kinderen engageren zich om zorgzaam om te gaan met het schoolmateriaal. Stelt de school vast dat het materiaal
opzettelijk wordt beschadigd of veelvuldig verloren gaat, dan kan de school de
gemaakte kosten voor aankoop van nieuw materiaal aanrekenen aan de ouders.
16. Echtscheiding
1. Zorg
en aandacht voor het kind
Scheiden is een emotioneel proces. Voor kinderen die deze ‘verliessituatie’ moeten verwerken, wil de school een luisterend oor, openheid , begrip en wat extra aandacht bieden.
2. Neutrale
houding tegenover de ouders
De school is bij een echtscheiding geen betrokken partij. Beide ouders, samenlevend of niet, staan gezamenlijk in voor de opvoeding van hun kinderen.
Wanneer de ouders niet meer samenleven, maakt de school met beide ouders afspraken over de wijze van informatiedoorstroming en de manier waarop beslissingen over het kind worden genomen.
17. Revalidatie /
Logopedie
Revalidatie op initiatief van de ouders kan enkel tijdens de schooluren als er een gemotiveerd verslag is. De toestemming van de directie is verplicht.
18. Privacy
De school
verwerkt persoonsgegevens van alle ingeschreven leerlingen met behulp van de
computer. Dat is nodig om de leerlingenadministratie en de
leerlingenbegeleiding efficiënt te organiseren. Om gepast te kunnen optreden
bij risicosituaties, verwerkt de school ook gegevens betreffende de
gezondheidstoestand van sommige leerlingen, maar dat gebeurt enkel met de
schriftelijke toestemming van de leerlingen of hun ouders. De privacywet geeft
je het recht te weten welke gegevens de school verwerkt en het recht deze
gegevens te laten verbeteren als ze fout zijn of ze te laten verwijderen als ze
niet ter zake dienend zijn.
De school
publiceert geregeld foto’s van leerlingen op haar website, in de schoolkrant,…
Voor de publicatie van gerichte foto’s vraagt de school bij het begin van het
schooljaar een expliciete schriftelijke toestemming, overeenkomstig de
privacywet.
Voor de publicatie van niet-geposeerde, spontane foto’s en sfeerbeelden geldt
de ondertekening van het schoolreglement als toestemming. Ouders die bezwaar
hebben tegen de publicatie, delen dit schriftelijk mee aan de directie.
19. Infobrochure onderwijsregelgeving
De school stelt de ouders bij inschrijving in kennis van de ‘infobrochure onderwijsregelgeving’. Dat document biedt een overzicht van de relevante regelgeving met betrekking tot de items die opgenomen zijn in dit schoolreglement.
Een actuele digitale versie van het document
is beschikbaar op de website van de school www.toverfluitheusden.be. De inhoud
van de infobundel kan te allen tijde gewijzigd worden zonder de instemming van
de ouders. Bij elke wijziging van de inhoud van de bundel, verwittigt de school
de ouders via diezelfde website en een poster in de vitrinekast bij de
schoolpoort. Op hun verzoek ontvangen de ouders een papieren versie van het
document.
20. Engagementsverklaring
Ouders hebben hoge
verwachtingen van de school voor de opleiding en opvoeding van hun kinderen.
Onze school zet zich elke dag in om dit engagement waar te maken, maar in ruil
verwachten we wel de volle steun van de ouders. Daarom maken we in onderstaande
engagementsverklaring wederzijdse afspraken. Zo weten we duidelijk wat we van
elkaar mogen verwachten.
Ouders en school zullen op
afgesproken momenten de engagementen en
het effect ervan evalueren.
Onze school kiest voor een intense samenwerking met de ouders.
We doen dat omdat we
partners zijn in de opvoeding van uw kind. Het is goed dat u zicht hebt op de
werking van de school. Daarvoor plannen we bij het begin van elk schooljaar een
ouderavond in de klas van uw kind. U kan er kennis maken met de leerkracht van
uw kind en met de manier van werken.
We organiseren ook geregeld
individuele oudercontacten. Via een persoonlijke uitnodiging laten we u weten
op welke data die doorgaan. Wie niet op het oudercontact kan aanwezig zijn, kan
een gesprek aanvragen op een ander moment.
Als u zich zorgen maakt
over uw kind of vragen hebt over de aanpak, dan kan u op elke moment zelf een
gesprek aanvragen met de leerkracht van uw kind. Dat doet u …..
Wij verwachten dat u zich
als ouder samen met ons engageert om
nauw samen te werken rond de opvoeding van uw kind en steeds ingaat op onze
uitnodigingen tot oudercontact.
Wij engageren ons om steeds
te zoeken naar een alternatief overlegmoment indien u niet op de geplande oudercontactmomenten kan
aanwezig zijn.
Wij verwachten dat u met
ons contact opneemt bij vragen of zorgen t.a.v. uw kind.
Wij engageren ons om met u
in gesprek te gaan over uw zorgen en vragen t.a.v. de evolutie van uw kind.
Aanwezig zijn op school en op tijd komen.
De aanwezigheid van uw kind
op school heeft gevolgen voor het verkrijgen en behouden van de schooltoelage
en voor de toelating tot het eerste leerjaar. Meer hierover kan u lezen in kader
blz. 16 onderaan onder de titel “Overgang naar
het eerste leerjaar”.
Daartoe moeten wij de
afwezigheden van uw kind doorgeven aan het departement onderwijs en aan het
CLB.
Het CLB waarmee wij
samenwerken staat in voor de begeleiding bij problematische afwezigheden. U kan
zich niet onttrekken aan deze begeleiding.
Wij zullen op de volgende
wijze samenwerken met u en met het CLB : zie hiervoor het gedeelte over het CLB
waarmee we samenwerken op blz. 6 tot en met 11 van dit schoolreglement.
U kan steeds bij ons
terecht bij problemen. We zullen samen naar de meest geschikte aanpak zoeken.
Individuele leerlingenbegeleiding.
Onze school voert een
zorgbeleid. Dit houdt ondermeer in dat we gericht de evolutie van uw kind
volgen. Dit doen we door het werken met een
leerlingvolgsysteem. Sommige kinderen hebben op bepaalde momenten nood
aan gerichte individuele begeleiding. Andere kinderen hebben constant nood aan
individuele zorg.
We zullen in overleg met u
als ouder vastleggen hoe de individuele begeleiding van uw kind zal
georganiseerd worden. Daarbij zullen we aangeven wat u van de school kan
verwachten en wat wij van u als ouder verwachten.
Wij verwachten dat u ingaat
op onze vraag tot overleg en de afspraken die we samen maken opvolgt en
naleeft.
Positief engagement ten aanzien van de onderwijstaal.
Onze school is een
Nederlandstalige school. Niet alle ouders voeden hun kind op in het Nederlands.
Dit kan ertoe leiden dat hun kind het wat moeilijker heeft bij het leren. Wij
als school engageren er ons toe alle kinderen zo goed mogelijk te begeleiden
bij hun taalontwikkeling.
Wij verwachten van de
ouders dat ze er alles aan doen om hun kind, ook in de vrije tijd, te
stimuleren bij het leren van Nederlands. Dit kan ondermeer door:
Everselstraat 60
3580 Beringen
Tel : 011 - 42 02 02
Fax : 011 – 45 38 07
Website : www.basiseducatiewl.be
E-mail
: info@basiseducatiewl.be
vzw Kameleon
Waterleidingstraat 14
3550 Heusden-Zolder
tel. 011/80 80 92
vzwkameleon@gmail.com
Voorgaande engagementen kunnen verder uitgewerkt worden vanuit het LOP :
contact: Raf Nulens
Voorz. van het LOP Basisonderwijs
Dienst Maatschappelijke Begeleiding
Heldenplein 1
3550 Heusden-Zolder
011-53 73 71
INFOBROCHURE
ONDERWIJSREGELGEVING
Schoolstructuur2:
school: pedagogisch geheel waar
onderwijs georganiseerd wordt onder leiding van één directeur.
basisschool: omvat een kleuterniveau en een niveau lager onderwijs.
autonome kleuterschool: omvat alleen het niveau kleuteronderwijs.
autonome lagere school: omvat alleen het niveau lager onderwijs.
vestigingsplaats: gebouw of gebouwencomplex
waarin een school of een gedeelte van een school gehuisvest is.
Schoolorganisatie
schooljaar: de periode van 1 september
tot en met 31 augustus.
schoolbestuur: de rechtspersoon of de
natuurlijke persoon die verantwoordelijk is voor één of meer scholen.
scholengemeenschap:
samenwerkingsverband tussen meerdere scholen.
klassenraad: team van personeelsleden dat
onder leiding van de directeur of zijn afgevaardigde samen de
verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van en het onderwijs aan een
bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.
schoolraad3: Orgaan met advies- en overlegbevoegdheid samengesteld uit
vertegenwoordigers van ouders, personeel en lokale gemeenschap. De schoolraad
heeft rechten en plichten inzake informatie en communicatie.
leerlingenraad4: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers
van de leerlingen. De leerlingenraad heeft rechten en plichten inzake
informatie en communicatie. De wijze waarop de leerlingenraad wordt
samengesteld wordt bepaald in het schoolreglement.
ouderraad5: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers
van de ouders. De ouderraad heeft rechten en plichten inzake informatie en
communicatie.
pedagogische raad6: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers
van het personeel. De pedagogische raad heeft rechten en plichten inzake
informatie en communicatie.
-
1Decreet basisonderwijs: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 25/02/1997
-
2Omzendbrief ‘Structuur
Basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 17/06/1997
-
3 Omzendbrief ’Lokale
participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004
-
4 Omzendbrief ’Lokale
participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004
-
5 Omzendbrief ’Lokale
participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004
-
6 Omzendbrief ’Lokale participatieregeling
in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004
- extra-muros activiteiten:
activiteiten die plaats vinden buiten de schoolmuren en georganiseerd worden voor
één of meer leerlingengroepen. Activiteiten die volledig buiten de schooluren
georganiseerd worden, vallen hier niet onder.
Het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) heeft als opdracht bij te
dragen tot het welbevinden van leerlingen, en situeert de begeleiding van
leerlingen op vier domeinen:
- het
leren en studeren
- de
onderwijsloopbaan
- de
preventieve gezondheidszorg
- het psychisch en sociaal functioneren.
De school en het CLB hebben een gezamenlijk beleidscontract opgesteld
dat de aandachtspunten voor de leerlingenbegeleiding vastlegt. Dit
beleidscontract is met de ouders besproken in de schoolraad.
Als de school aan het CLB vraagt om een leerling te begeleiden, zal
het CLB een begeleidingsvoorstel doen. Het CLB zet de begeleiding slechts voort
als de ouders van de leerling hiermee instemmen. Vanaf de leeftijd van 12 jaar
vermoedt de regelgever dat een kind voldoende competent is om zelfstandig te
beslissen of hij/zij wil instemmen met het voorgestelde begeleidingsplan.
Het centrum heeft recht op de relevante informatie die over de
leerlingen in de school aanwezig is en de school heeft recht op de relevante
informatie over de leerlingen in begeleiding. Ze houden allebei bij het
doorgeven en het gebruik van deze informatie rekening met de geldende regels
inzake het beroepsgeheim, de deontologie en de bescherming van de persoonlijke
levenssfeer.
Niet alleen de school, maar ook de leerlingen en ouders kunnen het CLB
om hulp vragen. Het CLB werkt gratis en discreet. Het centrum, de school en de
ouders dragen een gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Ouders zijn verplicht hun medewerking te verlenen aan:
- de begeleiding van leerlingen die spijbelen. Als de betrokken ouders
niet ingaan op de initiatieven van het centrum, meldt het centrum dit aan de
door de Vlaamse regering aangeduide instantie;
7 Decreet betreffende de centra voor
leerlingenbegeleiding: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens >
goedkeuringsdatum op 01/12/1998
- collectieve medische onderzoeken en/of preventieve
gezondheidsmaatregelen
i.v.m. besmettelijke ziekten8.
De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen zich verzetten tegen het
uitvoeren van een algemeen of gericht consult door een bepaalde arts van het
CLB. Binnen een termijn van negentig dagen dient de persoon die verzet
aantekent, het verplichte consult te laten uitvoeren door een andere arts van
hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een andere arts buiten het CLB die
beschikt over het nodige bekwaamheidsbewijs. In dat laatste geval zijn de
kosten ten laste van de ouders.
Het centrum maakt zijn werking bekend aan de ouders. Dat gebeurt
minstens op het ogenblik dat de leerling voor de eerste keer wordt ingeschreven
in de school. Ouders krijgen informatie over de rechten en plichten van ouders,
leerlingen, de school en het centrum.
De regering kan het centrum verplichten vormen van begeleiding voor
deelgroepen van leerlingen, ouders en scholen voor te stellen. Het staat deze
leerlingen, ouders en scholen vrij om al dan niet op dit verzekerd aanbod in te
gaan.
Als een leerling van school verandert, behoudt het centrum zijn
bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot de
leerling is ingeschreven in een school die door een ander centrum wordt
bediend.
Als een leerling voor een bepaalde periode niet ingeschreven is in de
school, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien
van die leerling tot het einde van de periode van niet-inschrijving.
Het centrum legt voor elke leerling voor wie een begeleiding wordt
gestart, één multidisciplinair dossier aan. Het multidisciplinair dossier van de
leerling bevat alle voorhanden zijnde gegevens die over de leerling op het
centrum aanwezig zijn. Als een leerling van school verandert en onder toezicht
van een ander CLB komt te staan, is het CLB dat de vorige school begeleidt,
ervoor verantwoordelijk dat het CLB-dossier de leerling volgt. Er is geen
toestemming van de ouders of de leerling vereist om een multidisciplinair
dossier over te dragen.10
Er bestaat maar één CLB- dossier en dit dossier is in principe een ondeelbaar
geheel. Daarom wordt het bij schoolveranderen in één zending overgemaakt. Elk
CLB is eraan gehouden de ouders of de leerling te informeren over het doorgeven
van het dossier. Er wordt een wachttijd van 10 dagen gerespecteerd na het
informeren van de ouders of de leerling. De ouders of de leerling kunnen afzien
van die wachttijd. Er kan binnen die 10 dagen verzet aangetekend worden tegen
het overmaken van de niet-verplichte gegevens uit het dossier. Er kan geen
verzet aangetekend worden tegen de overdracht van volgende gegevens: identificatiegegevens,
vaccinatiegegevens, gegevens in het kader van de verplichte CLB-opdrachten,
bijzondere consulten en de medische onderzoeken uitgevoerd als vorm van nazorg
na een algemeen, een gericht of een bijzonder consult.
8
Omzendbrief ‘Opdrachten voor de Centra voor
leerlingenbegeleiding in het kader van de uitvoering van de preventieve
gezondheidszorg’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 17/03/2000
9
Omzendbrief ‘ Het multidisciplinair dossier
in de centra voor leerlingenbegeleiding’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 18/11/2008
10
Omzendbrief ‘Concrete richtlijnen voor de overdracht van
het multidisciplinair dossier’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op
31/01/2002
Indien er verzet
wordt aangetekend, verzendt het vorige CLB enkel de verplicht over te dragen
gegevens samen met een kopie van het verzet. Het bewaart de gegevens waartegen
verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact.
Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het schoolreglement
en het pedagogisch project van de school. Bij de inschrijving dient een
officieel document te worden voorgelegd dat de identiteit van het kind
bevestigt en de verwantschap aantoont (de SIS-kaart, het trouwboekje, het
geboortebewijs, een identiteitsstuk van het kind zoals een bewijs van
inschrijving in het vreemdelingenregister, een reispas). De inschrijving van
een leerling geldt voor de duur van de hele schoolloopbaan in de school.
Alle kleuters en leerlingen worden op de datum van de inschrijving
opgenomen in het inschrijvingsregister. Zij worden slechts éénmaal ingeschreven
volgens chronologie.
Een kleuter die nog geen 2 jaar en 6 maanden is, kan
ingeschreven worden. Maar pas wanneer de kleuter voldoet aan de
toelatingsvoorwaarde (2,5 jaar zijn), wordt de kleuter opgenomen in het
stamboekregister. Vanaf de volgende instapdatum wordt de kleuter toegelaten in
de school en wordt hij/zij opgenomen in het aanwezigheidsregister van de klas.
Kleuters zijn niet leerplichtig. Kleuters vanaf 2,5 tot 3 jaar mogen in het
kleuteronderwijs op school aanwezig zijn op de volgende instapdagen:
-
de eerste schooldag na de zomervakantie;
-
de eerste schooldag na de herfstvakantie;
-
de eerste schooldag na de kerstvakantie ;
-
de eerste schooldag van februari ;
-
de eerste schooldag na de krokusvakantie ;
-
de eerste schooldag na de paasvakantie.
-
de eerste schooldag na hemelvaartsdag.
-
Een kleuter die de leeftijd van drie jaar bereikt
heeft, kan elke dag worden ingeschreven en in de school toegelaten zonder
rekening te houden met de instapdagen.
-
Om toegelaten te worden tot het lager
onderwijs moet de leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende
schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende
schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden. Deze afwijking
blijft beperkt tot één jaar.
Vanaf 1 september 2009 geldt voor inschrijvingen vanaf het schooljaar
2010-2011 onderstaande regeling:
11
Decreet basisonderwijs: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op
25/02/1997; Omzendbrief ‘Toelatingsvoorwaarden leerlingen in het gewoon
basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op
10/08/2001
Om toegelaten te
worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling zes jaar zijn voor 1
januari van het lopende schooljaar. Als hij nog niet de leeftijd van zeven jaar
heeft bereikt of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet
hij bovendien aan een van de volgende voorwaarden voldoen:
1° het voorgaande schooljaar ingeschreven zijn geweest in een door de
Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en
gedurende die periode gedurende ten minste 220 halve dagen aanwezig zijn
geweest;
2° voldoen aan een proef die de kennis van het Nederlands, nodig om
het lager onderwijs aan te vatten, peilt. De Vlaamse Regering legt de inhoud
van die taalproef vast. Het CLB waarmee de school waar de betrokken leerling
zich aanbiedt een beleidscontract heeft, is bevoegd die taalproef af te nemen;
3° beschikken over een bewijs dat hij het voorafgaande schooljaar
onderwijs heeft genoten in een Nederlandstalige onderwijsinstelling uit een
lidstaat van de Nederlandse Taalunie.
Met uitzondering van de leeftijdsvereiste is deze regeling niet van
toepassing op leerlingen die worden ingeschreven in Franstalige scholen in de
rand- en taalgrensgemeenten die deel uitmaken van het Nederlandse taalgebied.
Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende
schooljaar kan in het lager onderwijs ingeschreven worden, op voorwaarde dat
hij tijdens het voorafgaande schooljaar
was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende
Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode ten
minste 185 halve dagen aanwezig was geweest.
Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende
schooljaar en die tijdens het voorafgaande schooljaar niet was ingeschreven in
een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor
kleuteronderwijs, kan in het lager onderwijs worden ingeschreven op basis van
een taalproef .
Ouders hebben het recht om hun kind in te schrijven in de school van
hun keuze. Toch kan de school een leerling weigeren onder bepaalde
omstandigheden.
- 1. Het
schoolbestuur weigert de inschrijving van de betrokken leerling die het vorige
of het daaraan voorafgaande schooljaar door een tuchtmaatregel definitief werd
uitgesloten in de school.
- 2.
Kinderen kunnen specifieke noden hebben. Van ouders wordt verwacht dat zij dit
meedelen aan de school. De school zal bij leerlingen met een
inschrijvingsverslag buitengewoon onderwijs, type 8 uitgezonderd, onderzoeken
of haar draagkracht voldoende groot is om het kind de nodige ondersteuning te
geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging. Indien de ouders, bij
inschrijving, nalaten om mee te delen dat hun kind een attest buitengewoon
onderwijs heeft en er de eerste
12 Decreet
betreffende gelijke onderwijskansen: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 28/06/2002
13 Omzendbrief
“Het gelijke onderwijskansenbeleid voor het basisonderwijs”: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/06/2006
weken na de inschrijving een vermoeden is van specifieke noden, zal de
school haar draagkracht alsnog onderzoeken.
Bij het onderzoek naar de draagkracht
houdt de school, in overleg met de ouders en het CLB, rekening met:
- De
verwachtingen van de ouders ten aanzien van het kind en ten aanzien van de
school;
- De
concrete ondersteuningsnoden van de leerling op het vlak van leergebieden, sociaal
functioneren, communicatie en mobiliteit;
- Een
inschatting van het regulier aanwezig draagvlak van de school inzake zorg;
- De
beschikbare ondersteunende maatregelen binnen én buiten het onderwijs;
- Het
intensief betrekken van de ouders bij de verschillende fasen van het overleg-
en beslissingsproces.
Het kind wordt ingeschreven onder de
ontbindende voorwaarde van het aantonen van onvoldoende draagkracht.
3. Het
schoolbestuur kan omwille van materiële omstandigheden een maximumcapaciteit
invoeren. Wanneer deze maximumcapaciteit overschreden wordt, moet de school de
leerling weigeren.
De beslissing tot weigering wordt binnen vier kalenderdagen (eventueel
na onderzoek van de draagkracht van de school) bij aangetekend schrijven of
tegen afgiftebewijs aan de ouders van de leerling bezorgd. Ouders krijgen
toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur.
Bij een weigering op draagkracht wordt door het Lokaal Overlegplatform
(LOP) onmiddellijk, en zonder te wachten op de vraag van de ouders, een bemiddelingsprocedure
opgestart. Bij weigering op basis van de andere redenen start het LOP alleen
een bemiddeling wanneer de ouders er uitdrukkelijk om verzoeken. Indien de
school niet behoort tot een LOP zal het Departement Onderwijs een nabijgelegen
LOP aanduiden. Na de bemiddeling door het Lokaal Overleg Platform kunnen ouders
alsnog een klacht indienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten.
In september van het jaar waarin het kind 6 jaar wordt, is het
leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het op die
leeftijd nog in het kleuteronderwijs blijft, is het dus net als elk ander
leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatig schoolbezoek.
Een jaar langer in de kleuterschool doorbrengen, vervroegd naar de
lagere school komen en een achtste jaar in de lagere school verblijven kan
enkel na kennisgeving van en toelichting bij het advies van de klassenraad en
van het CLB-centrum. De ouders nemen de uiteindelijke beslissing.
14
Wet betreffende de leerplicht: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ >
zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 29/06/1983
In het gewoon
onderwijs kan een leerling minimum 4 jaar en maximum 8 jaar in het lager
onderwijs doorbrengen, met dien verstande dat een leerling die 15 jaar wordt
vóór 1 januari geen lager onderwijs meer kan volgen.
De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten van hun
leerlingengroep te volgen. Om gezondheidsredenen kunnen er, in samenspraak met
de directeur, eventueel aanpassingen gebeuren.
De regelgeving op afwezigheden is van toepassing op leerplichtige
kinderen in het gewoon basisonderwijs. De regelgeving is ook van toepassing op
leerlingen die, wegens verlengd kleuterschoolbezoek, op zesjarige leeftijd nog
in het kleuteronderwijs zitten. Zij zijn op basis van hun leeftijd
leerplichtig. Ook leerlingen die reeds op vijfjarige leeftijd zijn overgestapt
naar het lager onderwijs vallen onder de reglementering. Niet-leerplichtige
leerlingen in het kleuteronderwijs kunnen niet onwettig afwezig zijn, aangezien
ze niet onderworpen zijn aan de leerplicht en dus niet steeds op school moeten
aanwezig zijn.
Het is belangrijk dat kleuters regelmatig naar school komen. Kinderen
die activiteiten missen lopen meer risico om te mislukken en raken minder goed
geïntegreerd in de klasgroep. We verwachten dat de ouders ook de afwezigheden
van hun kleuter onmiddellijk melden omwille van veiligheidsoverwegingen.
Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een
briefje van de ouders. Dergelijk briefje kan slechts vier keer per schooljaar
door de ouders zelf geschreven worden. Vanaf de vijfde keer is een medisch
attest vereist.
Is een kind méér dan drie opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is
steeds een medisch attest vereist. Dat attest kan afkomstig zijn van een
geneesheer, een geneesheer-specialist, een psychiater, een tandarts, een
orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend
labo. Consultaties ( zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), moeten
zoveel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden.
Wanneer een kind een chronische ziekte heeft die leidt tot
verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie
noodzakelijk is (bijv. astma, migraine,...) is het goed contact op te nemen met
de school en het CLB. Het CLB kan dan een medisch attest opmaken dat de ziekte
bevestigt. Wanneer een afwezigheid om deze reden zich dan effectief voordoet,
volstaat een attest van de ouders.
Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig in volgende
gevallen:
- het
attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit
de patiënt”;
15 Omzendbrief ‘Afwezigheden van leerlingen in het
basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens >
publicatiedatum op 16/08/2002
- het
attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst;
- het
attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te
maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden.
De school zal het CLB contacteren telkens ze twijfels heeft over een
medisch attest.
In volgende situaties kan een kind gewettigd afwezig zijn. De ouders
moeten een document met officieel karakter (1 - 5) of een verklaring (6) kunnen
voorleggen ter staving van de afwezigheid. Voor deze afwezigheden is geen
voorafgaand akkoord van de directeur nodig. De ouders verwittigen de school
vooraf van dergelijke afwezigheden.
- 1. het
bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van iemand die onder
hetzelfde dak woont als het kind, of van een bloed- of aanverwant van het kind;
- 2. het
bijwonen van een familieraad;
- 3. de
oproeping of dagvaarding voor de rechtbank (bijvoorbeeld wanneer het kind in
het kader van een echtscheiding moet verschijnen voor de jeugdrechtbank);
- 4. het
onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg
(bijvoorbeeld opname in een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum);
- 5. de
onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht
(bijvoorbeeld door staking van het openbaar vervoer, door overstroming,...) ;
- 6. het
beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke
overtuiging van een leerling (anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke,
orthodoxe, protestants-evangelische godsdienst)
Concreet gaat het over: - islamitische
feesten: het Suikerfeest en het Offerfeest ( telkens 1 dag); - joodse feesten:
het joods Nieuwjaar ( 2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het
Loofhuttenfeest (2 dagen), het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine
Verzoendag (1 dag), het feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen), het
Wekenfeest (2 dagen); - orthodoxe feesten: Kerstfeest (2 dagen), voor de jaren
waarin het orthodox Kerstfeest niet samenvalt met het katholiek Kerstfeest,
Paasmaandag, Hemelvaart en Pinksteren voor de jaren waarin het orthodox
Paasfeest niet samenvalt met het katholieke Paasfeest.
De katholieke feestdagen zijn reeds vervat in de wettelijk vastgelegde
vakanties. De protestants-evangelische en de anglicaanse godsdienst hebben geen
feestdagen die hiervan afwijken.
Deze categorie afwezigheden verleent de school autonomie om in te
spelen op specifieke situaties die niet altijd door de regelgeving op te vangen
zijn. Indien de directeur akkoord is en mits voorlegging van, naargelang het
geval, een officieel document of een verklaring van de ouders, kan de leerling
gewettigd afwezig zijn om één van de onderstaande redenen:
1. het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont als
het kind of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad. ( Voor de
dag van de begrafenis zelf is geen toestemming van de directeur nodig. Het gaat
hier over een periode die het kind eventueel nodig heeft om emotioneel
evenwicht terug te vinden
(rouwperiode)). Mits toestemming van de directeur kan zo ook een
begrafenis van een bloed- of aanverwant in het buitenland bijgewoond worden.
2. het actief deelnemen aan een culturele of sportieve manifestatie,
indien het kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is.
Het bijwonen van trainingen komt niet in aanmerking, wel bijv. de deelname aan
een kampioenschap/competitie. Het kind kan maximaal 10 halve schooldagen per
schooljaar hiervoor afwezig zijn (hetzij achtereenvolgend, hetzij gespreid over
het schooljaar).
3. de deelname aan time-out-projecten. Deze afwezigheden komen in het
basisonderwijs zelden voor, maar in die situaties waarin voor een leerling een
time-outproject aangewezen is, is het in het belang van de leerling aangewezen
om dit als een gewettigde afwezigheid te beschouwen. Voor sommige leerlingen is
er geen andere oplossing dan hen tijdelijk te laten begeleiden door een externe
gespecialiseerde instantie;
5. afwezigheden wegens topsport voor de sporten tennis, zwemmen en
gymnastiek.
Dit kan slechts toegestaan worden voor maximaal 6 lestijden per week,
mits het vooraf indienen van een dossier met de volgende elementen:
-
een gemotiveerde aanvraag van de ouders;
-
een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten
sportfederatie;
-
een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend
keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;
-
een akkoord van de directie.
Deze vijf categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen
recht dat ouders kunnen opeisen. Enkel de directeur kan autonoom beslissen om
deze afwezigheden toe te staan. De directeur mag onder geen beding toestemming
geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De
leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met
30 juni.
De volgende regels zijn van toepassing op de kinderen van
binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en
woonwagenbewoners. Ze zijn niet van toepassing op kinderen die behoren tot de
trekkende bevolking maar die ter plaatse verblijven (bijvoorbeeld in een
woonwagenpark). Die kinderen moeten elke dag op school aanwezig zijn.
Ouders behorend tot de categorie trekkende
bevolking die hun kind inschrijven in een school, moeten er - net als alle
andere ouders - op toezien dat hun kind elke dag op school aanwezig is. In
uitzonderlijke omstandigheden kunnen zich situaties voordoen waarbij het
onvermijdelijk is dat het kind tijdelijk met de ouders meereist. Deze situaties
moeten op voorhand goed met de school besproken worden. De ouders maken samen
met de school duidelijke afspraken over hoe het kind in die periode met behulp
van de school verder de onderwijstaken zal vervullen (de school zorgt voor een
vorm van onderwijs op afstand) en over hoe de ouders met de school in contact
zullen blijven. Deze afspraken moeten in een overeenkomst tussen de ouders en
de school neergeschreven worden. Enkel als de ouders hun engagementen naleven
is het kind gewettigd afwezig.
Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals
hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden. De
school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische
afwezigheid. Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch
afwezig is, stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat
ter inzage is voor de verificateurs. School en CLB zullen in communicatie met
de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en
hun kinderen.
Leerlingen vanaf 5 jaar (d.w.z. leerlingen die vijf jaar of ouder
geworden zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar) hebben recht op
tijdelijk onderwijs aan huis (kleuter- of lager onderwijs; 4 lestijden per
week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
1. De leerling is meer dan 21 kalenderdagen ononderbroken afwezig
wegens ziekte of ongeval (vakantieperiodes meegerekend).
2. De ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de
directeur van de thuisschool. De aanvraag is vergezeld van een medisch attest
waaruit blijkt dat het kind de school niet of minder dan halftijds kan bezoeken
en dat het toch onderwijs mag volgen.
3. De afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats
van betrokken leerling bedraagt ten hoogste
Specifieke situatie bij chronische ziekte (=een ziekte die een
continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt):
1. voor chronisch zieke kinderen vervalt de wachttijd van 21
kalenderdagen. Deze kinderen hebben recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis
na 9 halve schooldagen afwezigheid (moeten niet in een ononderbroken periode
doorlopen). Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid
heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aanhuis;
2. voor chronisch zieke leerlingen moet bij de eerste aanvraag tijdens
het betrokken schooljaar een medisch attest worden gevoegd, uitgereikt door een
geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit
blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen. Bij een nieuwe afwezigheid ten
gevolge van deze chronische ziekte tijdens hetzelfde schooljaar is geen nieuw
medisch attest vereist. Er dient wel een nieuwe aanvraag voor tijdelijk
onderwijs aan huis ingediend te worden.
In uitzonderlijke gevallen kan een school een leerplichtig kind als
tuchtmaatregel schorsen of uitsluiten. Deze beslissing wordt genomen door het
schoolbestuur, of bij delegatie door de directeur. In de praktijk zal schorsing
of uitsluiting in het basisonderwijs allicht zelden voorkomen. In gevallen waar
het gedrag van een leerling het recht op onderwijs van de medeleerlingen in het
gedrang brengt, moet er evenwel een ernstige sanctie mogelijk zijn. Beide
maatregelen (schorsen en uitsluiten) kunnen
16 Omzendbrief ‘Onderwijs aan
huis’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via metadata > publicatiedatum op 17/06/1997
17 Omzendbrief ‘Schorsen en
uitsluiten van leerlingen’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/
> zoeken via metadata > publicatiedatum 10/11/1998
dus enkel
toegepast worden op leerlingen waarmee een school zware tuchtproblemen heeft.
Aangezien we er vanuit kunnen gaan dat dergelijke zware tuchtproblemen zich
niet voordoen bij kleuters, zal allicht geen enkele school kleuters uitsluiten
of schorsen. Schorsing en uitsluiting is ook niet bedoeld om een verstoorde
communicatie tussen school en ouders te beslechten. Schorsing en uitsluiting
kunnen evenmin door het schoolbestuur (of de directie) gebruikt worden als
oplossing voor een leerling met een besmettelijke ziekte (bijv. luizen). Bij
besmettelijke ziekten kan immers alleen de arts van het Centrum voor
Leerlingenbegeleiding beslissen welke maatregelen aangewezen zijn.
Een schorsing betekent dat de gesanctioneerde leerling het recht op
onderwijs tijdelijk (gedurende een bepaalde periode) ontnomen wordt. Deze
leerling mag dan de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet
volgen, maar moet wel op school zijn.
Bij een uitsluiting ontneemt het schoolbestuur (of bij delegatie de
directeur) de gesanctioneerde leerling definitief (d.w.z. voor de rest van het
lopende schooljaar) het recht op onderwijs in zijn scho(o)l(en). Deze leerling
wordt definitief uit de school verwijderd, op het ogenblik dat hij in een
andere school ingeschreven is en uiterlijk één maand, vakantieperioden niet
inbegrepen, na de schriftelijke kennisgeving van uitsluiting door de school. In
afwachting bevindt de leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste
leerling. Ook deze leerling moet dus op school opgevangen worden. Geschorste en
uitgesloten leerplichtigen effectief uit de school verwijderen zou er immers
toe kunnen leiden dat ze in een ernstige spijbelproblematiek vervallen of zelfs
“nergens-ingeschreven leerlingen” worden, die dus niet meer voldoen aan de
leerplicht.
Om te vermijden dat het verantwoordelijk blijven van de school ertoe
leidt dat ouders van een uitgesloten leerling geen inspanningen doen om hun
kind in een andere school in te schrijven, is een termijn voorzien waarna de
sanctie van uitsluiting effectief uitwerking krijgt. Deze termijn is
vastgesteld op een maand, vakantieperioden niet inbegrepen. Is een kind een
maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een nieuwe school
ingeschreven, dan is de oude school dus niet langer verantwoordelijk voor de
opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn uiteindelijk de ouders die erop
moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet.
De school doet er in elk geval goed aan om bij uitsluiting het
bevoegde CLB in te schakelen om samen naar een oplossing te zoeken.
Bij schorsing voor meer dan één dag of bij uitsluiting moet steeds een
procedure gevolgd worden. Deze procedure wordt opgenomen in het schoolreglement
en respecteert volgende principes:
- het voorafgaandelijk advies van de klassenraad moet ingewonnen
worden;
- de ouders hebben inzage in het tuchtdossier
en worden gehoord;
- de genomen
beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk ter kennis gebracht
aan de ouders.
Een leerling die in een school ingeschreven is, maar het volgend
schooljaar niet meer welkom is in deze school, kan beschouwd worden als een
uitgesloten leerling wanneer de in het schoolreglement opgenomen procedure
gevolgd wordt.
Het schoolbestuur kan, op voordracht en na beslissing van de
klassenraad, een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan een regelmatige
leerling uit het gewoon lager onderwijs. Een regelmatige leerling is volgens
het Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 een leerling die slechts in één
school ingeschreven is. In het basisonderwijs, of als leerplichtige in het
kleuteronderwijs, moet de leerling daarenboven aanwezig zijn, behoudens
gewettigde afwezigheid, en deelnemen aan alle onderwijsactiviteiten die voor
hem of zijn leergroep worden georganiseerd.
De klassenraad oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in
voldoende mate, de doelen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt, om
een getuigschrift basisonderwijs te bekomen. De beslissing van de klassenraad
is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de
leerling.
Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen
getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een attest afgeleverd door
de directie met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde leerjaren
lager onderwijs.
|
Voor scholen van het gesubsidieerd basisonderwijs kan geen direct of
indirect inschrijvingsgeld gevraagd worden. Evenmin kunnen er bijdragen
worden gevraagd voor materialen die gebruikt worden om de eindtermen te
realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven. Het Vlaams Parlement
heeft een lijst vastgelegd met materialen die kosteloos ter beschikking
moeten worden gesteld om de eindtermen te realiseren of de
ontwikkelingsdoelen na te streven. Lijst met materialen -
Bewegingsmateriaal - Constructiemateriaal - Handboeken, schriften, werkboeken
en –blaadjes, fotokopieën, software - ICT-materiaal - Informatiebronnen -
Kinderliteratuur - Knutselmateriaal - Leer- en ontwikkelingsmateriaal -
Meetmateriaal - Multimediamateriaal - Muziekinstrumenten |