Schoolreglement

 

1.      Contacten

Schoolbestuur





Schoolstructuur















Aanbod

Scholengemeenschap

VZW Vrije Basisscholen
Pastorijstraat 1
3550 Heusden-Zolder
tel.: 011/ 42 20 97


Adres: G V Kleuterschool “De Toverfluit”
          Brugstraat 16
          3550 Heusden-Zolder

Telefoon: 011/45 11 24

Fax: 011/45 47 09

e-mail: detoverfluit@scarlet.be

website:
www.toverfluitheusden.be

Adres vestigingsplaats: Horionweg 5   3550 Heusden-Z.

Telefoon vestigingsplaats: 011/ 42 04 78

gesubsidieerd vrij kleuteronderwijs

Vrije Scholengemeenschap
Heusden-Zolder
Kluisstraat 15
3550 Heusden-Zolder
voorzitter: Vanpaeschen Johan
telefoon: 0475/ 86 73 17
e-mail: info@vsg-heusden-zolder.be
website: www.vsg-heusden-zolder.be

 

Directie

 

 


Secretariaat en/of

beleidsmedewerker         

 

Zorgcoördinator

Naam: Devoge C.
           a.i. Vanhaeren Marina

Telefoon: 011/45 11 24 of 0473/68 10 44

e-mail: marinavanhaeren@hotmail.be

Naam: Vandevoort Lutgarde

Telefoon: 011/45 11 24

e-mail: buro.lut@scarlet.be

Naam: Geerts Mia

e-mail: tovergok@scarlet.be

Schooluren

 

 

 



Te laat komen
kan niet!

Uren: ma, di, do en vr
         08.30 uur – 12.05 uur
         13.15 uur – 15.15 uur
         woe
         08.30 uur – 11.45 uur

De lessen beginnen stipt om: 08.30 uur


Aanmelden bij: directie of secretariaat

 

Voor- en naschoolse opvang


















Website

Buitenschoolse kinderopvang
“’t Klimopke”
De opvang wordt georganiseerd voor en na de schooluren, op woensdag-namiddagen, schoolvrije dagen en vakanteperiodes.
De opvang gaat door in de
Kerkeblookstraat 7,3550 Heusden-Zolder( tel.: 011/45 61 58)
Je kan je kind inschrijven op de dienst “kinderopvang” van het OCMW. Dit kan ook telefonisch op nummer 011/45 61 50.

Indien je onverwacht niet tijdig op school kan zijn om je kind af te halen, dien je de school te verwittigen. Je kind wordt dan naar de opvang gebracht. De school geeft naam, adres en telefoonnummer van je kind door aan de opvang. Vanuit de opvang wordt dan gevraagd achteraf de inschrijving in orde te maken.

Kinderopvang “’t Klimopke”
OCMW Heusden-Zolder
St.- Willibrordusplein 4
3550 Heusden-Zolder
Tel.: 011/ 45 61 50
Verantwoordelijke: Di Iorio Tatiana

http://www.ocmwheusdenzolder.be/

Middagpauze

Uren: 12.05 uur tot 13.15 uur

Het toezicht tijdens het eetmoment in refter gebeurt door 3 kleuterleidsters

De kinderen die ’s middags naar huis gaan, worden ten vroegste om 13.00 uur terug aan school verwacht.

Vakanties

 

 

 

 

Vrije dagen

 





Studiedagen

Herfstvakantie:31/10/11 t.e.m. 06/11/’11

Kerstvakantie:26/12/’11 t.e.m. 08/01/’12

Krokusvakantie:20/02/12 t.e.m.26/02/12

Paasvakantie:02/02/12 t.e.m.15/04/12

Zomervakantie:01/07/12 t.e.m.31/08/’12

- vrijdag 07/10/11( lok. verlofdag )
- donderdag 11/11/2011 (Wapenstilstand)
- maandag 30/04/12( lok. verlofdag )      - dinsdag  01/05/12      
- do 17/05/en vr 18/05/12 ( Hemelvaart
- maandag 28/05/12 (Pinkstermaandag)

- maandag 05/12/12

- woensdag 07/03/12

Lichamelijke opvoeding

Aanbod: De kleuters krijgen elke week twee uur bewegingsopvoeding.

2.          Samenwerking


Met de ouders
















Oudercontacten

 

 

 
















Schoolraad

Aanbod: A. Infoavonden
4+5-jarigen:    22/09/’11 om 19.00 uur
2,5+3-jarigen: 20/09/’11 om 19.00 uur

             B. Oudercontacten:
In de loop van het schooljaar zal er voor elke kleuter een contact plaatsvinden, volgend op een gemaakte test.

Wijze waarop de school contact opneemt: De precieze data worden nog meegedeeld op de website en via een persoonlijke uitnodiging.

Contactpersoon voor een afspraak:
- Zorgjuf Geerts Mia tovergok@scarlet.be
- Directie detoverfluit@scarlet.be
- je kan ook gerust de klasjuf van je
  kleuter aanspreken
- je mag ook altijd telefoneren op het
  nummer 011/ 45 11 24



De schoolraad is samengesteld uit vertegenwoordigers van het personeel, ouders, de lokale gemeenschap en eventueel het schoolbestuur. Tijdens de bijeenkomsten van de schoolraad wordt er informatie gegeven over gebeurtenissen of interne beslissingen die een belangrijke weerslag hebben op het schoolleven.
Samenstelling: Aerts Inge, Christine Devoge (a.i. Vanhaeren Marina), Van Ende Ludo, Akpinar Aysim, Beylemans Goele,Claes Leen,Vanderbiesen Erik, Ria Put,Geerts Mia, Maris Freddy,Karremans Esmeralda

 



Met externen

 

Centrum Leerlingbegeleiding

- Verplichte medewerking van de ouders bij spijbelen en medische onderzoeken

- Zorgprocedure (wijze waarop de school en het CLB de ouders en leerlingen betrekken in het zorgbeleid)

Naam: “Vrij Centrum voor Leerlingen-
           begeleiding Midden-Limburg”

Adres: Saviostraat 39
          3530 Houthalen-Helchteren

Telefoon: 011/52 52 05

Fax: 011/ 60 27 90

E-mail: houthalen@clb-net.be

Contactgegevens begeleider CLB:
Vrancken Rina, sociaal verpleegkundige
E-mail: rina.vrancken@vclblimburg.be

Zitdagen van mevr. Vrancken  op school zelf

Dondernamiddag van 13.30u tot 15.15u

 ( www.toverfluitheusden.be )

Contactgegevens arts CLB:
Frederix Monique

Openingsuren van het centrum:
* maandag van 08.30 tot 12.00 uur
* andere werkdagen 08.30 tot 12.00 uur
   en van 13.00 tot 17.00 uur
* tijdens de herfst- en de krokusvakantie
* in de zomervakantie
 
Het is best eerst een afspraak te maken op tel. 011/ 52 52 05

De school stelt samen met het CLB een beleidscontract op. Daarin maken school en CLB afspraken over ieders rol in de begeleiding van de leerlingen. Dat contract werd ook overlegd met de schoolraad.

Alles draait rond de leerling

De leerling kan rechtstreeks of via zijn ouders of leerkrachten bij het VCLB terecht met vragen over zijn:

  • emotioneel en sociaal welbevinden
  • lichamelijke ontwikkeling en gezondheid
  • leren en studeren
  • schoolloopbaan: studie- en jobkeuze.

Ook ouders en leerkrachten zijn welkom met hun vragen. Ze zijn immers als eerste verantwoordelijk voor de opvoeding en vorming van het kind.

Vooral vraaggestuurd

In de hele maatschappij ervaren we een sterke emancipatie in de hulpverlening. Ouders, jongeren en leraars geven dus de toon aan. Zij bepalen naar wie en met welke vraag ze gaan om uitleg, hulp of ondersteuning. Ze willen ernstig genomen worden. Ze willen dat de hulpverlener grondig naar hen luistert. Ze wensen een hulpverlener die met hen elke volgende stap overlegt.

De CLB’s zijn afgestemd op die evolutie. Ze geven dus geen ongevraagde adviezen. Samen met de cliënt gaan ze op zoek naar een haalbare oplossing voor de vraag.



Diezelfde evolutie zien we ook op school. Leerlingenbegeleiding is een zaak van leraars, directies, opvoeders, in overleg met ouders en CLB.

Maar ook preventie

CLB’s pakken niet alleen problemen aan, ze proberen ze ook te voorkomen. Problemen als pesten op school, ongewenste zwangerschap, druggebruik kan men verminderen of voorkomen met gerichte acties op school. Het CLB biedt ondersteuning aan de school.

Begeleiding op vraag, maar ook verplichte begeleiding

Voor een CLB-begeleiding is altijd een uitdrukkelijke toestemming nodig van de ouders indien de leerling jonger is dan 14 of van de leerling zelf indien hij ouder is dan 14 jaar.

De begeleiding door een CLB is in drie gevallen verplicht:

q  medische onderzoeken (1e en 2e kleuterklas, 1e, 3e en 5e leerjaar basisonderwijs, 1e en 3e jaar secundair onderwijs, in het buitengewoon onderwijs worden de leerlingen onderzocht in het kalenderjaar dat ze 4, 5, 7, 9, 11, 13 en 15 jaar worden),

q  maatregelen bij besmettelijke ziekten en

q  tussenkomsten bij spijbelgedrag kunnen noch door de ouders, noch door de leerling geweigerd worden.

Bij het medisch onderzoek is wel verzet mogelijk tegen een bepaalde arts of een centrum waarmee de school een overeenkomst heeft afgesloten. Het onderzoek zelf moet echter wel worden uitgevoerd. In geval van verzet tegen de CLB-arts of het CLB waarmee de school samenwerkt, moeten ouders of leerlingen (op eigen kosten) het onderzoek laten uitvoeren door een andere daartoe erkende arts of een ander CLB naar keuze. Voor meer informatie over die procedure neemt men contact op met de directeur van een CLB. Ook de school kan daarover informatie verstrekken.

Een serieuze wetenschappelijke basis

Op het CLB komt een onvoorstelbare waaier aan problemen toe: een diagnose voor dyslexie, een vraag om opvoedingsondersteuning, mijn kind heeft... ADHD, lees- en rekenproblemen, slaapproblemen, angst om naar school te gaan, zelfmoordgedachten, wordt gepest, spijbelt, krast zich, heeft geen motivatie...


Allemaal vragen die een grote deskundigheid van de hulpverlener eisen. Een leerprobleem wordt dikwijls een opvoedingsprobleem, dyslexie heeft onderwijskundige, medische en opvoedkundige aspecten enz.

Op dergelijke vragen moet een doordacht en wetenschappelijk verantwoord antwoord volgen. Een sterke troef in het CLB is het teamoverleg op maandagnamiddag, waar arts, verpleegkundige, psycholoog, pedagoog en maatschappelijk werker ideeën uitwisselen.

Op sommige vragen krijgt men meteen een antwoord. Vaak is een verhelderend gesprek voldoende. Soms is extra hulp en ondersteuning nodig. Samen met de CLB-medewerker werkt men dan aan een oplossing. Indien nodig vindt er een medisch, psychologisch en/of sociaal onderzoek plaats. In een aantal gevallen verwijst het CLB voor verdere behandeling of begeleiding door naar een meer gespecialiseerde gezondheids- of welzijnsdienst.

Hulp voor wie die hulp het meest nodig heeft

In de huidige maatschappij heeft men in de hulpverlening vooral aandacht voor mensen die beperkt zijn in hun kansen. Denk maar aan het solidariteitsprincipe in de sociale zekerheid, gelijke onderwijskansenbeleid …

Dat geldt ook voor de CLB’s; de wetgever wil dat de CLB’s prioritair aandacht hebben voor groepen die in hun kansen mogelijk bedreigd zijn: leerlingen uit het buitengewoon onderwijs, deeltijds onderwijs, beroepssecundair onderwijs, laaggeschoolde milieus, allochtonen …

De tussenkomsten van het CLB zijn gratis en gebeuren met de grootste discretie en met respect voor het privé-leven.




Belangrijk voor leerling en ouders om te weten

1        Het CLB heeft van elke leerling die het begeleidt een dossier. Wanneer de leerling van school    verandert, wordt dit dossier overgemaakt aan het CLB dat de nieuwe school begeleidt (besluit         van de Vlaamse Regering, 08.06.2001, art. 7, 8 en 9).

q   De identificatiegegevens van de leerling, de gegevens over de inentingen, de gegevens van de medische onderzoeken en gegevens over de leerplichtbegeleiding worden automatisch overgedragen.

q  AI de andere gegevens worden overgedragen indien er geen verzet wordt aangetekend. Dit verzet kan aangetekend worden door de ouders of door de leerling zelf indien hij 14 jaar of ouder is. Dat moet schriftelijk gebeuren binnen een termijn van 30 dagen na de mededeling waarin de ouders of de leerling op de hoogte worden gebracht van de overdracht. Dat is dus vanaf het moment dat de leerling in de nieuwe school wordt ingeschreven en dus via het schoolreglement kennis neemt van deze regeling. (M.a.w. op het ogenblik waarop u dit leest.)

q  Die bedenktijd van 30 dagen betekent dat gegevens over nieuwe leerlingen soms met grote vertraging in het nieuwe CLB toekomen. Daarom vraagt VCLB Midden-Limburg het formulier ‘nieuwe leerlingen’ in te vullen bij de inschrijving in een nieuwe school. Daarmee kunnen ouders en leerlingen zelf beslissen het dossier sneller te laten overgaan door af te zien van de bedenktijd van 30 dagen.



2        Het CLB mag in geen enkel geval - tenzij er schriftelijke toelating is van ouders of de leerling ouder dan 14 jaar – gegevens uit het dossier overdragen aan andere instanties, hulpverleners, derden, enz.

3        Aan de betrokken schooldirectie en het personeel worden alleen gegevens doorgegeven die nodig zijn opdat zij hun taak naar behoren kunnen vervullen.

4        De ouders en de leerlingen hebben principieel het recht om de gegevens uit het multidisciplinair CLB-dossier te kennen. Is de leerling meerderjarig, dan vervalt het recht van de ouders. Indien de betrokkenen van dit recht gebruik willen maken, gebeurt dit altijd via een gesprek met het begeleidende CLB-team, zodat de informatie van het dossier geduid kan worden.

5          Dit dossier wordt op het centrum bewaard tot ten minste 10 jaar na de datum van de laatste medische tussenkomst (onderzoek of inenting). Voor leerlingen die buitengewoon onderwijs volgen wordt het dossier bewaard tot de leerling 30 jaar is geworden. Na deze periode wordt het dossier vernietigd.

 

6  De dossiers worden bewaard op VCLB Midden-Limburg, Saviostraat 39, 3530 Houthalen. Ze worden beheerd door Guido Willems.




Gemeente

Schoolopbouwwerk

 

 


Pedagogische
begeleiding













Onderwijsinspectie van de Vlaamse Gemeenschap



Lokaal Overleg
Comité ( LOC )

Naam en gegevens van contactpersonen:

Kathleen Vandenput
Rik Hermans

Doel:- samenwerking tussen gemeente en school

Afspraken: deze maken deel uit van het groot kernteam

Het schoolbestuur en het personeel laten zich begeleiden door de
“Diocesane Pedagogische Begeleiding”
Tulpinstraat 75
3500 Hasselt

tel.: 011/ 26 44 00      fax: 011/ 26 44 09

e-mail: dpb@diohasselt.be

website: www.diohasselt.be


Onze huidige begeleider is Mvr. Reinhilde Bielen.
Ook de inspecteur godsdienst – Mvr. Sandra Maertens – vind je op dit adres.

Inspecteur Mevr. Oorts Jacqueline
Sint-Antoniuslaan 261
2980 Zoersel
Tel.: 03/ 385 15 23
E-mail: joorts@pandora.be

Het LOC is een plaatselijk overlegcomité tussen het schoolbestuur en het personeel. De vergadering bestaat uit een gelijk aantal leden van beide partijen.
De directie maakt deel uit van de vergadering als adviserend niet-stemge-
rechtigd lid. Iedere partij kan ( niet-stemgerechtigde ) adviseurs betrekken in de vergadering. Het mandaat van het LOC duurt vier jaar.

Voorzitter:  Mieke Vossen         Raadgevers: Devoge Christine ( a.i.Marina Vanhaeren ), Van Ende Ludo
Secretaris:   Ria put
Leden:        Vanderbiesen Erik,Karremans                                                                       Esmeralda, Geerts Mia, Emiel Beylemans         

         
                 
                 

 



Nuttige adressen

Commissies:

-Beroepscommissie

 






-Lokaal Overlegplatform













-Commissie inzake Leerlingenrechten



-Commissie Zorgvuldig Bestuur

 

Adres: Bonnefantenstraat 1
            3500 Hasselt
Telefoon: 011/ 23 68 18

Ouders kunnen bij deze commissie een beroep aantekenen tegen de definitieve uitsluiting van een leerling uit de school.


Gemeente:Onze school maakt deel uit van het Lokaal Overleg-
                platform van de gemeente Heusden-Zolder

contact:
Raf Nulens

Voorz. van het LOP Basisonderwijs

Dienst Maatschappelijke Begeleiding

Heldenplein 1

3550 Heusden-Zolder

011-53 73 71

Adres: Koning Albert-II laan 15, 1210 Brussel

H. Consciencegebouw 2A25
Koning Albert II-laan
1210 Brussel
fax 02-553.93.85



Adres:
Vl. Min. van Onderwijs en Vorming
           AGODI
           Hendrik Consciencegebouw 
           Koning Albert II-laan 15
           1210 Brussel


3.      Inschrijven van leerlingen

Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het pedagogisch project
en het schoolreglement.


Inschrijfperiode nieuwe leerlingen

Kleuteronderwijs

    °      Wettelijke opgelegde instapdata voor 2,5-jarige kleuters zijn:

           -de eerste schooldag na de zomervakantie,

           -de eerste schooldag na de herfstvakantie,

           -de eerste schooldag na de kerstvakantie,

           -de eerste schooldag van februari,

           -de eerste schooldag na de krokusvakantie,

           -de eerste schooldag na de paasvakantie,

           -de eerste schooldag na O.L.H. Hemelvaart.

 

    °     De kleuterschool schrijft kleuters in telkens gedurende:

            - de laatste week van augustus,

            - de week voor de herfstvakantie,kerstvakantie, krokusvakantie,paasvakantie,

            - de week voor 1 februari,

            - de week voor O.L.H. Hemelvaart.

            - en verder na een persoonlijke of telefonische  afspraak

         

Afwijkingen

-   Ouders kunnen hun kind één jaar langer in het kleuteronderwijs houden of één jaar
    vroeger het lager onderwijs laten beginnen. Deze beslissing kunnen de ouders pas
    nemen nadat ze het advies van zowel de klassenraad als het CLB-centrum hebben
    ingewonnen. Deze afwijking blijft beperkt tot één jaar. Dit zijn leerplichtige
    leerlingen. De ouders dienen dan ook alle wettelijke verplichtingen daaromtrent te
    volgen.

-   Ouders van een leerplichtig kind van vreemde nationaliteit moeten ervoor zorgen dat
    hun kind daadwerkelijk onderwijs volgt vanaf de zestigste dag na de inschrijving in
    het vreemdelingen- of bevolkingsregister.
            
    De inschrijving gebeurt aan de hand van een officieel document zoals:
    -          een uittreksel uit de geboorteakte     
    -          het trouwboekje van de ouders;       
    -          de identiteitskaart van het kind;       
    -          het bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister;
    -          de reispas voor vreemdelingen.
    De ouders ondertekenen een schriftelijke verklaring waarin ze bevestigen dat hun
     kind niet in een andere school is ingeschreven.

    Bij de eerste inschrijving ontvangen de ouders deze brochure (informatie en
    schoolreglement) en volgende formulieren:
    -          kennisneming van het schoolreglement, ontvangst “Informatie aan de
                ouders”
    -          verklaring: inschrijving van de leerling in één school.

Weigeren

Bij inschrijving van een kind, met een inschrijvingsverslag voor het buitengewoon onderwijs, zal de school haar draagkracht bekijken. De school zal onderzoeken of ze de nodige ondersteuning kan bieden aan dit kind op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging. Het onderzoek in overleg met de ouders, het CLB en het schoolteam kan enkele weken duren. Na dit onderzoek wordt de beslissing aangetekend of tegen afgiftebewijs binnen 4 kalenderdagen aan de ouders bezorgd. De ouders krijgen toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur door de directeur. Bij weigering neemt het Lokaal Overlegplatform contact op met de ouders. Een klachtenprocedure bij weigering is mogelijk.

4.      Organisatie van de leerlingengroepen

De klassenraad beslist, in overleg en in samenwerking met het CLB dat onze school begeleidt, of een leerling kan overgaan naar een volgende leerlingengroep.

Het is de klassenraad die beslist in welke leerlingengroep een leerling, die in de loop van zijn schoolloopbaan van school verandert, terechtkomt.

Leerlingengroepen kunnen heringedeeld worden op basis van een gewijzigde instroom.  (Bijvoorbeeld in de kleuterschool na een instapdatum).

5.      Schooluitstappen (Extra-muros activiteiten)

Eéndaagse uitstappen

·                     Doel: - kennismaking met iets nieuws.
                   - concrete verduidelijking van wat in de klas in een belangstellings-
                     centrum werd geleerd.
                   - deelname aan groepsactiviteiten.
                   - culturele en sportieve activiteiten.

·                     Aanbod: Omdat onze kleuters in de klas met belangstellingscentra werken die
                      mede worden bepaald door de omgeving en door de interesses van de
                      kinderen is het erg moeilijk reeds vooraf een jaarplanning op te maken.
                      Verder zijn we nog in onderhandeling met het Sint-Franciscuscollege
                      in verband met een gezamenlijk gebruik van hun bus.
                      Wij verbinden er ons in ieder geval toe dat alle kleuters in de loop van
                      het schooljaar
                            - minstens één muzische voorstelling bijwonen,
                            - aan minstens één sportieve activiteit meedoen, hetzij binnen of
                              buiten de school,
                            - minstens één buitenschoolse activiteit doen die aansluit bij een
                              belangstellingscentrum.
                      Hierbij trachten we ook binnen het door de overheid vooropgestelde
                       budget te blijven.

De ondertekening van dit schoolreglement geldt als toestemming voor deelname aan de ééndaagse uitstappen.  Indien de ouders de toestemming bij een ééndaagse extra-muros activiteit weigeren, dienen zij dat vooraf aan de school te melden. 

6.      Orde- en tuchtmaatregelen

Elke klastitularis stelt samen met zijn leerlingen een gedragcode op.

Wanneer een kleuter de goede werking van de school hindert of het lesverloop stoort, kan door elk personeelslid van de school een ordemaatregel genomen worden.

Mogelijke ordemaatregelen zijn:

  • een verwittiging,
  • een straf,
  • een tijdelijke verwijdering uit de les met aanmelding bij de directie.

Voor kinderen waar ordemaatregelen geregeld voorkomen, wordt in overleg met ouders en CLB een begeleidingsplan opgemaakt. Wanneer het gedrag van de kleuter, ook met een begeleidingsplan, een probleem wordt voor het verstrekken van onderwijs of om het opvoedingsproject te realiseren, kan er een tuchtmaatregel genomen worden.

Mogelijke tuchtmaatregelen zijn:

  • een schorsing van één dag;
  • een schorsing van meerdere dagen;
  • een uitsluiting.

Bij het nemen van een beslissing tot schorsing van meer dan één dag of tot uitsluiting wordt de volgende procedure gevolgd:

    1. De directeur wint het advies van de klassenraad in en stelt een tuchtdossier samen.
    2. De ouders en eventueel een raadsman worden uitgenodigd voor een gesprek met het schoolbestuur/de directeur. De uitnodiging moet minstens vijf dagen vooraf bezorgd worden aan de ouders.
    3. Intussen hebben de ouders en hun raadsman inzage in het tuchtdossier.
    4. Na het gesprek neemt het schoolbestuur/de directeur een beslissing. Deze beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en binnen een termijn van vijf werkdagen aangetekend aan de ouders van de betrokken kleuter bezorgd.

Beroepsprocedure:

1.    Binnen vijf dagen na ontvangst van de beslissing tot uitsluiting kunnen ouders schriftelijk beroep indienen bij de voorzitter van de beroepscommissie (zie punt 3 samenwerking).

2.    De beroepscommissie komt samen vijf werkdagen na ontvangst van het beroep. De leerling en de ouders worden opgeroepen om te verschijnen voor deze beroepscommissie.

3.    Intussen hebben de ouders inzage in het dossier.

4.    De beroepscommissie brengt de ouders binnen vijf werkdagen per aangetekende brief op de hoogte van haar gemotiveerde beslissing. Deze beslissing is bindend voor alle partijen.

Als ouders geen inspanning doen om hun kind in een andere school in te schrijven, krijgt de uitsluiting effectief  uitwerking na één maand (vakantiedagen niet meegerekend). Is het kind één maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een andere school ingeschreven, dan is de oude school niet langer verantwoordelijk voor de opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn de ouders die erop moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet. Het CLB kan mee zoeken naar een oplossing.

Ten gevolge van een definitieve uitsluiting het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar kan het schoolbestuur de betrokken kleuter weigeren terug in te schrijven.

11.  Bijdrageregeling

Niet verplicht aanbod per klas

Prijs

Middagtoezicht

Drank

 

Tijdschrift

Kalender met klasfoto

Gratis

Niet van toepassing

nIet van toepassing

3 euro

Totaal voor het schooljaar 2011-2012

3euro

Maximum factuur per kleuter

20 euro

 

  • Wijze van betaling: gelieve het geld – liefst gepast – in een gesloten briefomslag aan de leerkracht te ( laten ) overhandigen.
    Schrijf ook duidelijk de naam en de klas van je kind op de omslag!

 

  • Conflictbeheer: Indien u problemen ondervindt met het betalen van de schoolrekening, kunt u contact opnemen met de directie.  Het is de bedoeling dat er afspraken worden gemaakt over een aangepaste betalingswijze.  Wij verzekeren een discrete behandeling van uw vraag.
    Indien we vaststellen dat de schoolrekening geheel of gedeeltelijk onbetaald blijft zonder dat er financiële problemen zijn of omdat de gemaakte afspraken niet worden nageleefd, zal de school verdere stappen ondernemen. Ook dan zoeken we in eerste instantie in overleg naar een oplossing. Indien dit niet mogelijk blijkt, kunnen we overgaan tot het versturen van een aangetekende ingebrekestelling. Vanaf dat moment kunnen we maximaal de wettelijke intrestvoet aanrekenen op het verschuldigde bedrag.
  • Afwezigheden en afzeggingen: de gemaakte kosten kunnen worden aangerekend.

12.  Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning                                 

Personen en bedrijven die de school sponsoren worden vermeld in de schoolkrant en tijdens het jaarlijkse schoolfeest.

13.  Vrijwilligers

Onze school maakt bij de organisatie van een aantal activiteiten gebruik van vrijwilligers. De vrijwilligerswet verplicht de scholen om de vrijwilligers over een aantal punten te informeren. De school doet dit via onderstaande bepalingen. 

Organisatie

De VZW Vrije Basisscholen
Pastorijstraat 1
3550 Heusden-Zolder

Maatschappelijk doel: het organiseren van basisonderwijs

De organisatie heeft een verzekeringscontract afgesloten tot dekking van de burgerlijke aansprakelijkheid, met uitzondering van de contractuele aansprakelijkheid, van de organisatie en de vrijwilliger. Het verzekeringscontract werd afgesloten bij IC/CI
( Interdiocesaan Centrum )

Er wordt geen onkostenvergoeding voorzien.

Een vrijwilliger gaat discreet om met geheimen die hem/haar zijn toevertrouwd.

14.  Welzijnsbeleid

1.   Preventie

 

·        Verwachtingen naar de ouders:
- Heb interesse voor wat je kind op school heeft geleerd, beleefd, ervaren.
- Zorg voor een goede hygiëne van je kind.
- Zorg dat je kind voldoende nachtrust heeft.

Met eventuele vragen of opmerkingen hieromtrent kan je steeds op school terecht.

·        Verwachtingen naar de kinderen:
- Afval wordt op de juiste plaats verzameld.
- Pesten hoort niet thuis in onze school.
- Als er een probleem is, vertel het dan steeds aan je leerkracht.

2.   Verkeersveiligheid

  • Verwachtingen naar de ouders:
    - zorg ervoor dat jouw fiets en de fiets van je kind steeds technisch in orde zijn.
    - Parkeer nooit met de auto vlak voor de schoolingang!
      Om het brengen en afhalen van de kinderen veilig te laten verlopen, zijn er        
      een tweetal mogelijkheden:
         a. Via de poort langs de Kloosterstraat ( indien onder begeleiding van broer
             of zus uit het lager onderwijs en vermits hij/zij de kleuter tot op de
             kleuterspeelplaats begeleidt )
         b. Via de grote poort aan de voorkant
    - Ouders blijven buiten de poorten. Directie, leerkrachten en/of kleuterleidsters
      contacteren kan altijd.
    - Roken op school en op de speelplaats is voor iedereen verboden.
  • Verwachtingen naar de kinderen:
    - Neem steeds de veiligste route naar school.
    - Respecteer de verkeersregels.
    - Wees uiterst voorzichtig op de openbare weg.


3.   Medicatie

In uitzonderlijke gevallen kan een ouder aan de school vragen om medicatie toe te dienen aan een kind. Deze vraag moet bevestigd worden door een formulier ingevuld door de ouders en de dokter dat de juiste dosering en toedieningswijze bevat.

Wanneer een leerling ziek wordt op school, dan zal de school niet op eigen initiatief medicatie toedienen. Wel zullen de ouders of een andere opgegeven contactpersoon verwittigd worden en zal hen gevraagd worden de leerling op te halen. Wanneer dit niet mogelijk is, zal de school een arts om hulp verzoeken.

4.   Stappenplan bij ongeval of ziekte

Eerste hulp

·          Wie: de directie of de secretaresse verlenen de eerste zorgen.

·        Hoe: opvangen van het kind en zorgen voor een elementaire verzorging. Bij ernstige gevallen worden de ouders op de hoogte gebracht en wordt het kind – indien nodig – naar de dokter of het ziekenhuis gebracht.

Ziekenhuis: Sint-Franciskusziekenhuis
                    Pastoor Paquaylaan 129
                    3550 Heusden-Zolder
               

Dokter: We nemen contact op met de dokter die het snelst voor deskundige verzorging
            kan instaan. We contacteren meestal dokter Claes of dokter Weyens.

Verzekeringspapieren

  • Contactpersoon: de directie of de secretaresse

·         Procedure

Ongevallen en de schoolverzekering
De verzekering “Schoolongevallen” is voor vele ouders een waar probleem.
Gaarne willen wij U enkele nuttige gegevens meedelen.
Eerst en vooral willen wij erop wijzen, dat er geen enkele wettelijke verplichting is voor de school om een uitgebreide “schoolongevallenverzekering” te    
onderschrijven.

De school moet alleen de “burgerlijke aansprakelijkheid”, die haar of haar
leerlingen ten laste gelegd wordt, door een verzekeringscontract laten dekken, om op deze wijze financiële moeilijkheden te voorkomen.

           BURGERLIJKE AANSPRAKELIJKHEID:
           Burgerlijke aansprakelijkheid” wil zeggen: alle schade die men iemand kan
            ten laste leggen, voor schade aan derden, veroorzaakt door een persoonlijke
            fout of door voorwerpen die aan die persoon toebehoren of onder zijn beheer
            vallen.

           -   Aansprakelijkheid van uw kind tijdens schoolactiviteiten
            Ingevolge art. 45 van de wet op de landverzekering en ingevolge de B.V.V.O.-
           overeenkomst van 01.06.94, is de familiale verzekering van de ouders
            prioritair gehouden tussen te komen.
            Wij raden U dan ook aan een familiale verzekering af te sluiten.

           -   Aansprakelijkheid van uw kind op de schoolweg
            De aansprakelijkheid van het kind dient geregeld te worden via de familiale
           verzekering van de ouders.
            M.a.w. voor ieder ongeval waarbij de aansprakelijkheid van uw kind betrokken
            is, dient U aangifte te doen aan uw familiale verzekeraar.

            De schoolverzekeraar heeft het nuttig geoordeeld een uitgebreid verzekerings-
            contract te onderschrijven, waardoor niet alleen de ongevallen “burgerlijke
              aansprakelijkheid
” vergoed worden, doch ook de “persoonlijke
            ongevallen (bv. een gewone val op de speelplaats of in de klas).

 

           INDIVIDUELE ONGEVALLENVERZEKERING
            -  Individuele ongevallen overkomen aan leerlingen tijdens schoolactiviteiten en op weg van en naar school, voor zover er geen motorvoertuig bij betrokken is, vallend onder de verplichte motorvoertuigenverzekering.
            De schoolverzekeraar neemt de dokters-, apothekers-, en aanverwante kosten ten laste, na tussenkomst van de Mutualiteit en voor zover er geen beroep kan gedaan worden op een individuele ongevallenverzekering, hospitalisatieverzekering, …
            De waarborgen overlijden en blijvende invaliditeit echter zijn cumuleerbaar met de uitkeringen in andere verzekeringscontracten.
            -  Wat indien er zich een ongeval heeft voorgedaan waarbij een motorvoertuig is betrokken, vallend onder de verplichte motorvoertuigenverzekering?

           a. Lichamelijke schade
  Ingevolge de wet van 30.03.94 art. 45 die van kracht is sedert 01.01.95 (objectieve aansprakelijkheid bestuurder) dient de motorvoertuigenverzekeraar deze schade te vergoeden.

            b. Stoffelijke schade
            Deze schade dient via uw familiale verzekeraar verhaald te worden op de aansprakelijke derde.

            Wat te doen bij een lichamelijk ongeval overkomen aan uw kind tijdens:
            -  schoolactiviteiten
            -  op weg van en naar school   
            (geen aanrijding met een motorvoertuig)

            1. De aangifte van het ongeval - door de school in te vullen - dient samen met het medisch getuigschrift (in te vullen door de behandelende geneesheer) aan ons verzonden te worden.

            2. De ontvangen onkostennota’s dienen in eerste instantie door de ouders vereffend te worden. Met behulp van de ontvangen nota’s, gelieve U zich dan te wenden tot de Mutualiteit voor haar tussenkomst.

            -  DEEL 1 van de uitgavenstaat dient bij deze gelegenheid door de Mutualiteit ingevuld te worden.

            -  DEEL 2 dient door uzelf ingevuld te worden, voor o.a. de apothekerskosten, e.d.m. Voor deze laatste kosten dienen de originele bewijsstukken bijgevoegd te worden (factuur ziekenhuis, attest 704 voor apothekerskosten, …) Zo de uitgaven beperkt zijn - en men voorziet niet dat er nog verder kosten zullen volgen - mag de uitgavenstaat, samen met de aangifte en het medisch attest, overgemaakt worden aan de school.

               In het tegenovergestelde geval, mag de uitgavenstaat later verzonden worden.

                Indien u vrij veel kosten heeft, kan u steeds een tussentijdse terugbetaling vragen.

               Zo u bij de Mutualiteit verzekerd bent, enkel voor grote risico’s, dient u toch DEEL 1 van de uitgavenstaat aan te bieden aan de Mutualiteit, samen met de onkostennota’s.

               De Mutualiteit zal dan verklaren dat u enkel verzekerd bent voor grote risico’s.

                Alle originele bewijsstukken dienen bijgevoegd te worden.

               Het medisch getuigschrift, eventueel reeds samen met de uitgavenstaat overmaken aan de school, zodat zij de stukken samen met de aangifte kunnen overmaken.

               Materiële schade aan o.a. fiets, kledij e.d. is in de ongevallenverzekering niet gedekt.

           SAMENGEVAT:

           -   Schoolongeval met lichamelijk letsel tijdens de schoolactiviteiten:

               * aangifte door school aan Interdiocesaan Centrum,  Kempische  Steenweg 404,3500 Hasselt          .

               * aangifte aan persoonlijke afgesloten ongevallen-, hospitalisatie- of groepsverzekering.

           -   Schoolongeval met lichamelijk letsel op weg van en naar de school
                 zonder voertuig of derde (fietser enz.)

               * zie hierboven

           -   Schoolongeval met lichamelijk letsel op weg van en naar de school
                 met betrokkenheid van motorvoertuig of een derde.

               * aangifte familiale of eigen autoverzekering (inzittende)

               * aangifte door school aan Interdiocesaan Centrum

               * aangifte eigen ongevallen-, hospitalisatie- of groepsverzekering

           -   Schoolongeval in de instelling of op weg van en naar de school
                 waarin de Burgerlijke Verantwoordelijkheid betrokken is

               *                                      aangifte familiale

               *                                      aangifte door school aan Interdiocesaan Centrum

5.   Rookverbod

Er geldt een algemeen rookverbod voor iedereen in alle gesloten ruimten op school. In open plaatsen geldt dit verbod op weekdagen tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Tijdens extra-murosactiviteiten is het elke dag verboden te roken tussen 6.30u ’s morgens en 18.30u ‘s avonds. Bij overtredingen van dit rookverbod kunnen er orde- en tuchtmaatregelen getroffen worden.  

 

15.  Leefregels

1. Gedragsregels

·          Speelplaats:

*   Vanaf 8.00 uur ‘s morgens is de toezichthoudende leerkracht aanwezig.
*   ‘s Morgens spelen de kinderen alleen op de verharde speelplaats.
*   Tijdens de kleine speeltijden en bij goed weer op verharde speelplaats.
*   ‘s Middags op de verharde speelplaats.
*   Afval wordt steeds in de vuilnisbak geworpen.                      
*   Niet spelen met de bal onder de overdekte speelplaatsen.
*   Geen rolschaatsen.
*   Geen gevaarlijk of ruw spel, scherpe voorwerpen, bommetjes …
*   Niemand mag de speelplaats verlaten of terug naar huis gaan.
*   Bij het belsignaal stopt het spel en ga je ordelijk in de klasrij staan.
*   Kinderen die op één of andere manier een gevaar zijn voor andere kinderen of       die herhaalde opmerkingen van de leerkracht negeren, worden afgezonderd en
     de klastitularis wordt verwittigd. Na overleg kan een aangepaste straf gegeven
     worden.  Ook de ouders worden verwittigd.

 

·          Klas en gangen:

- Houd uw lokaal netjes en ordelijk.
- Kinderen betreden of verlaten de klas of een ander lokaal enkel met de
  uitdrukkelijke toelating van de leerkracht.

- In de klas en de gangen wordt stilte en gehoorzaamheid geëist.
- Iedereen blijft in de klas tot aan het belsignaal (einde van de lessen).
- Bij het binnenkomen in de klas wordt een gebed gezegd. Per klas worden
  verdere afspraken gemaakt om de lessen ordelijk te beginnen.

- De leerkracht bevindt zich steeds bij de leerlingen in de klas.
 
Bij uitzonderlijke korte afwezigheid wordt de leerkracht van de naastliggende
  klas verwittigd. Deze neemt dan tijdelijk het toezicht over.

- Bij het binnen- en buitengaan worden de rijen begeleid door de leerkracht.
              

·        Houding en gedrag:
- Respect hebben voor anderen
- Niet vechten en geen ruzie maken.
- Niemand uitschelden, geen bijnamen gebruiken.
- Eerbied hebben voor het bezit van anderen.
- Niemand pesten.
- Brieven en nota’s thuis onmiddellijk afgeven..
- Rustig zijn in de eetzaal, goede tafelmanieren hebben.
- Luisteren naar de aanwijzingen van de juf of meester.
- Steeds beleefd iets vragen aan de leerkracht.
- Beleefdheidsformules worden regelmatig ingeoefend en moeten dan ook
  gebruikt worden.
- Toiletten netjes houden.
- In onze school wordt altijd Nederlands gesproken. Kinderen die zich niet aan
  de afspraak houden worden gestraft.
- Ook aan alle ouders vragen we  om op het schoolterrein en op de speelplaats
  Nederlands te spreken.

 

·         Speeltijd:

          Tijdens de speeltijden en tijdens de middag kunnen de kinderen meegebrachte
         boterhammen opeten. Gezonde dranken moeten zelf meegebracht worden.
          Niet toegelaten zijn:drankkartons, energiedranken, sportdranken en vruchtenlimonades zoals cola, fanta, sprite, …
          Als tussendoortje geven we de voorkeur aan fruit en koeken. Snoep is verboden, ook bij verjaardagen.

·        Eetzaal:

      De school biedt aan de kinderen de mogelijkheid om ’s middags te blijven eten.
      
We proberen het de kinderen zo aangenaam mogelijk te maken, maar samen eten met velen vraagt duidelijke afspraken. We durven ook aan de ouders te vragen hun kind niet naar de eetzaal te laten gaan indien dat niet echt noodzakelijk is. We vragen dit in het belang van de kinderen: een maaltijd zou een moment van rust moeten zijn, maar indien de eetzaal helemaal vol zit, kunnen we die rust niet garanderen!

·        Fietsenrekken:

      - Alle fietsers springen af aan de poort en gaan met de fiets aan de hand naar de fietsenrekken.
      - De fietsers plaatsen hun fiets in de fietsenrekken, nemen hun boekentas en gaan verder de speelplaats op.
     
- Bij het verlaten van de speelplaats gaan de fietsers met de fiets aan de hand tot buiten de poort.

·        Bij uitstappen:

     De kinderen gedragen zich conform de verkeersregels en de gedragsregels die aan de school gelden.

2. Kleding

Wij verwachten dat alle leerlingen zich netjes kleden. Buitensporigheden kunnen door de directie en leerkrachten verboden worden.

Houd rekening met de volgende afspraken:
- Kies je kledij in functie van je dagelijks schoolbezoek. Verzorgde kleding aangepast aan de leeftijd vinden we belangrijk.
- Bij warm weer geen ontbloot bovenlijf voor de jongens. Voor de meisjes geen te korte rokjes of bloesjes.
- Het kapsel van onze leerlingen dient verzorgd te zijn.

- Oorringen voor jongens en piercings voor jongens en meisjes zijn niet toegestaan.
- Geen hoofddeksel dragen in de klas.

- Na bezoek aan het toilet, doorspoelen en handen wassen.
- Geen waardevolle voorwerpen meebrengen
- Bij nieuwe modes of rages kan de school bepaalde verboden opleggen.

3. verboden

In het gebouw:

·            Hoofddeksels

·           Het gebruik van een GSM
Een kind dat betrapt wordt op het gebruik van een GSM of walkman op school
wordt het apparaat afgenomen tot het einde van de les, waarna de leerkracht het aan de directeur of zijn afgevaardigde geeft.  Het kan enkel afgehaald worden door de ouders bij de directeur of zijn afgevaardigde.  Hieraan zal steeds een passende straf gekoppeld worden.

Op de speelplaats en in het gebouw:

  • Multimedia-apparatuur
  • Wapens en voorwerpen die als wapen kunnen gebruikt worden
  • Juwelen (niet verzekerd)

 

4. Milieubeleid

  • Samenwerking met gemeente:
    Veiliger maken van de schoolomgeving zodat ouders en kinderen gemakkelijker
    de stap (durven) zetten om te voet of met de fiets naar school te komen.
  • Schoolacties:
    De school tracht zowel op klas- als op schoolniveau de kinderen te sensibiliseren
    om op een verantwoorde manier om te gaan met het milieu.
    Ook het aansporen van de kinderen om zo weinig mogelijk te snoepen maar gezonde tussendoortjes te gebruiken, draagt bij tot dit doel.
  • De fruitdag(en) en de soepdag(en) die door de ouderraad worden georganiseerd, horen ook thuis binnen het milieubeleid: het enige afval van die dag is immers GFT-afval, dat volledig recycleerbaar is.

    We maken kinderen al vlug bewust van het milieuprobleem door aan te dringen
    op een selectieve vuilinzameling.
  • Verwachtingen naar de ouders:
    - Leer de kinderen ook thuis dat ze moeten zorg dragen voor het milieu.
    - Tracht – indien enigszins mogelijk – de tussendoortjes en de boterhammen
      je kind in een herbruikbare verpakking mee te geven ( bijv. een brooddoos ),
      zo verkleinen we samen de afvalberg.
    - Geef je kind – indien mogelijk – zoveel mogelijk gezonde tussendoortjes en
      drankjes mee.
    - Navulbare flesjes  gebruiken.
  • Verwachtingen naar de kinderen:
    - Neem je afval mee naar huis.
    - Denk aan je gezondheid:
         * snoepen is op school verboden!
         * gesuikerde dranken zijn niet toegelaten!

5. Eerbied voor materiaal

De kinderen mogen een aantal materialen gratis gebruiken zowel op school als thuis.
( verteltassen, voorleesboekjes, de pop van Jules, … ) Zowel ouders als kinderen engageren zich om zorgzaam om te gaan met het schoolmateriaal.  Stelt de school vast dat het materiaal opzettelijk wordt beschadigd of veelvuldig verloren gaat, dan kan de school de gemaakte kosten voor aankoop van nieuw materiaal aanrekenen aan de ouders.

 

16.  Echtscheiding

1. Zorg en aandacht voor het kind

Scheiden is een emotioneel proces. Voor kinderen die deze ‘verliessituatie’ moeten verwerken, wil de school een luisterend oor, openheid , begrip en wat extra aandacht bieden.

2. Neutrale houding tegenover de ouders

De school is bij een echtscheiding geen betrokken partij. Beide ouders, samenlevend of niet, staan gezamenlijk in voor de opvoeding van hun kinderen.

Wanneer de ouders niet meer samenleven, maakt de school met beide ouders afspraken over de wijze van informatiedoorstroming en de manier waarop beslissingen over het kind worden genomen.

17. Revalidatie / Logopedie

Revalidatie op initiatief van de ouders kan enkel tijdens de schooluren als er een gemotiveerd verslag is. De toestemming van de directie is verplicht.

 

18. Privacy

De school verwerkt persoonsgegevens van alle ingeschreven leerlingen met behulp van de computer. Dat is nodig om de leerlingenadministratie en de leerlingenbegeleiding efficiënt te organiseren. Om gepast te kunnen optreden bij risicosituaties, verwerkt de school ook gegevens betreffende de gezondheidstoestand van sommige leerlingen, maar dat gebeurt enkel met de schriftelijke toestemming van de leerlingen of hun ouders. De privacywet geeft je het recht te weten welke gegevens de school verwerkt en het recht deze gegevens te laten verbeteren als ze fout zijn of ze te laten verwijderen als ze niet ter zake dienend zijn. 

De school publiceert geregeld foto’s van leerlingen op haar website, in de schoolkrant,…
Voor de publicatie van gerichte foto’s vraagt de school bij het begin van het schooljaar een expliciete schriftelijke toestemming, overeenkomstig de privacywet.
Voor de publicatie van niet-geposeerde, spontane foto’s en sfeerbeelden geldt de ondertekening van het schoolreglement als toestemming. Ouders die bezwaar hebben tegen de publicatie, delen dit schriftelijk mee aan de directie.

19. Infobrochure onderwijsregelgeving

De school stelt de ouders bij inschrijving in kennis van de ‘infobrochure onderwijsregelgeving’. Dat document biedt een overzicht van de relevante regelgeving met betrekking tot de items die opgenomen zijn in dit schoolreglement.

Een actuele digitale versie van het document is beschikbaar op de website van de school www.toverfluitheusden.be. De inhoud van de infobundel kan te allen tijde gewijzigd worden zonder de instemming van de ouders. Bij elke wijziging van de inhoud van de bundel, verwittigt de school de ouders via diezelfde website en een poster in de vitrinekast bij de schoolpoort. Op hun verzoek ontvangen de ouders een papieren versie van het document.

20. Engagementsverklaring

Ouders hebben hoge verwachtingen van de school voor de opleiding en opvoeding van hun kinderen. Onze school zet zich elke dag in om dit engagement waar te maken, maar in ruil verwachten we wel de volle steun van de ouders. Daarom maken we in onderstaande engagementsverklaring wederzijdse afspraken. Zo weten we duidelijk wat we van elkaar mogen verwachten.

Ouders en school zullen op afgesproken momenten de engagementen  en het effect ervan  evalueren.

Onze school kiest voor een intense samenwerking met de ouders.

 

We doen dat omdat we partners zijn in de opvoeding van uw kind. Het is goed dat u zicht hebt op de werking van de school. Daarvoor plannen we bij het begin van elk schooljaar een ouderavond in de klas van uw kind. U kan er kennis maken met de leerkracht van uw kind en met de manier van werken.

We organiseren ook geregeld individuele oudercontacten. Via een persoonlijke uitnodiging laten we u weten op welke data die doorgaan. Wie niet op het oudercontact kan aanwezig zijn, kan een gesprek aanvragen op een ander moment.

Als u zich zorgen maakt over uw kind of vragen hebt over de aanpak, dan kan u op elke moment zelf een gesprek aanvragen met de leerkracht van uw kind. Dat doet u …..

Wij verwachten dat u zich als ouder  samen met ons engageert om nauw samen te werken rond de opvoeding van uw kind en steeds ingaat op onze uitnodigingen tot oudercontact.

Wij engageren ons om steeds te zoeken naar een alternatief overlegmoment indien u  niet op de geplande oudercontactmomenten kan aanwezig zijn.

Wij verwachten dat u met ons contact opneemt bij vragen of zorgen t.a.v. uw kind.

Wij engageren ons om met u in gesprek te gaan over uw zorgen en vragen t.a.v. de evolutie van uw kind.

 

Aanwezig zijn op school en op tijd komen.

De aanwezigheid van uw kind op school heeft gevolgen voor het verkrijgen en behouden van de schooltoelage en voor de toelating tot het eerste leerjaar. Meer hierover kan u lezen in kader blz. 16 onderaan onder de titel “Overgang naar
het eerste leerjaar”.

Daartoe moeten wij de afwezigheden van uw kind doorgeven aan het departement onderwijs en aan het CLB.

Het CLB waarmee wij samenwerken staat in voor de begeleiding bij problematische afwezigheden. U kan zich niet onttrekken aan deze begeleiding.

Wij zullen op de volgende wijze samenwerken met u en met het CLB : zie hiervoor het gedeelte over het CLB waarmee we samenwerken op blz. 6 tot en met 11 van dit schoolreglement.

U kan steeds bij ons terecht bij problemen. We zullen samen naar de meest geschikte aanpak zoeken.

Individuele leerlingenbegeleiding.

Onze school voert een zorgbeleid. Dit houdt ondermeer in dat we gericht de evolutie van uw kind volgen. Dit doen we door het werken met een  leerlingvolgsysteem. Sommige kinderen hebben op bepaalde momenten nood aan gerichte individuele begeleiding. Andere kinderen hebben constant nood aan individuele zorg.

We zullen in overleg met u als ouder vastleggen hoe de individuele begeleiding van uw kind zal georganiseerd worden. Daarbij zullen we aangeven wat u van de school kan verwachten en wat wij van u als ouder verwachten.  

Wij verwachten dat u ingaat op onze vraag tot overleg en de afspraken die we samen maken opvolgt en naleeft.

Positief engagement ten aanzien van de onderwijstaal.

Onze school is een Nederlandstalige school. Niet alle ouders voeden hun kind op in het Nederlands. Dit kan ertoe leiden dat hun kind het wat moeilijker heeft bij het leren. Wij als school engageren er ons toe alle kinderen zo goed mogelijk te begeleiden bij hun taalontwikkeling.

Wij verwachten van de ouders dat ze er alles aan doen om hun kind, ook in de vrije tijd, te stimuleren bij het leren van Nederlands. Dit kan ondermeer door:

  • Zelf Nederlandse lessen te volgen. Meer info bij de dienst Basiseducatie (West - Limburg)

Basiseducatie West-Limburg VZW
Everselstraat 60
3580 Beringen
Tel :   011 - 42 02 02
Fax :  011 – 45 38 07
Website : www.basiseducatiewl.be
E-mail : info@basiseducatiewl.be

 

  • Uw kind naschools extra Nederlandse lessen te laten volgen. Meer info bij de vzw Kameleon

vzw Kameleon
Waterleidingstraat 14
3550 Heusden-Zolder
tel. 011/80 80 92
vzwkameleon@gmail.com

 

  • Te zorgen voor een Nederlandstalige begeleiding van uw kind bij het maken van zijn huistaak, bij het leren van zijn lessen, … (bv. kind in de studie laten blijven, een Nederlandstalige huiswerkbegeleidingsdienst zoeken, …)
  • Bij elk contact met de school zelf Nederlands te praten of er voor te zorgen dat er  een tolk is. (volgens de gemeentelijke regels).
  • Uw kind te laten aansluiten bij een Nederlandstalige jeugdbeweging.
  • Uw kind te laten aansluiten bij een Nederlandstalige sportclub.
  • Uw kind te laten aansluiten bij een Nederlandstalige cultuurgroep.
  • Uw kind te laten aansluiten bij een Nederlandstalige academie (muziek, woord, plastische kunsten, …)
  • Uw kind dagelijks naar Nederlandstalige tv-programma’s te laten kijken en er samen met hem over te praten.
  • Uw kind dagelijks naar Nederlandstalige radioprogramma’s te laten luisteren.
  • Uw kind met Nederlandstalige computerspelletjes te laten spelen.
  • Elke avond voor te lezen uit een Nederlandstalig jeugdboek.
  • Geregeld Nederlandstalige boeken uit te lenen in de bibliotheek en er uit voor te lezen of ze uw kind zelf te laten lezen.
  • Binnen de school en bij elke schoolactiviteit enkel Nederlands te praten met uw kind, met andere kinderen, met het schoolpersoneel en met andere ouders
  • Uw kind, in zijn vrije tijd, geregeld te  laten spelen met zijn Nederlandstalige vriendjes.
  • Uw kind in te schrijven voor Nederlandstalige vakantieactiviteiten.
  • Uw kind in te schrijven voor Nederlandstalige taalkampen

 

Voorgaande engagementen kunnen verder uitgewerkt worden vanuit het LOP :

contact: Raf Nulens

Voorz. van het LOP Basisonderwijs

Dienst Maatschappelijke Begeleiding

Heldenplein 1

3550 Heusden-Zolder

011-53 73 71

 


INFOBROCHURE ONDERWIJSREGELGEVING

1 DEFINITIES1

Schoolstructuur2:

school: pedagogisch geheel waar onderwijs georganiseerd wordt onder leiding van één directeur.

basisschool: omvat een kleuterniveau en een niveau lager onderwijs.

autonome kleuterschool: omvat alleen het niveau kleuteronderwijs.

autonome lagere school: omvat alleen het niveau lager onderwijs.

vestigingsplaats: gebouw of gebouwencomplex waarin een school of een gedeelte van een school gehuisvest is.

Schoolorganisatie

schooljaar: de periode van 1 september tot en met 31 augustus.

schoolbestuur: de rechtspersoon of de natuurlijke persoon die verantwoordelijk is voor één of meer scholen.

scholengemeenschap: samenwerkingsverband tussen meerdere scholen.

klassenraad: team van personeelsleden dat onder leiding van de directeur of zijn afgevaardigde samen de verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.

schoolraad3: Orgaan met advies- en overlegbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers van ouders, personeel en lokale gemeenschap. De schoolraad heeft rechten en plichten inzake informatie en communicatie.

leerlingenraad4: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers van de leerlingen. De leerlingenraad heeft rechten en plichten inzake informatie en communicatie. De wijze waarop de leerlingenraad wordt samengesteld wordt bepaald in het schoolreglement.

ouderraad5: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers van de ouders. De ouderraad heeft rechten en plichten inzake informatie en communicatie.

pedagogische raad6: Orgaan met adviesbevoegdheid samengesteld uit vertegenwoordigers van het personeel. De pedagogische raad heeft rechten en plichten inzake informatie en communicatie.

-      1Decreet basisonderwijs: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 25/02/1997

-      2Omzendbrief ‘Structuur Basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 17/06/1997

-      3 Omzendbrief ’Lokale participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’:  www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004

-      4 Omzendbrief ’Lokale participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004

-      5 Omzendbrief ’Lokale participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004

-      6 Omzendbrief ’Lokale participatieregeling in het basis- en secundair onderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/07/2004

 

-      extra-muros activiteiten: activiteiten die plaats vinden buiten de schoolmuren en georganiseerd worden voor één of meer leerlingengroepen. Activiteiten die volledig buiten de schooluren georganiseerd worden, vallen hier niet onder.

2 CENTRUM LEERLINGENBEGELEIDING (CLB)7

Het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) heeft als opdracht bij te dragen tot het welbevinden van leerlingen, en situeert de begeleiding van leerlingen op vier domeinen:

- het leren en studeren

- de onderwijsloopbaan

- de preventieve gezondheidszorg

- het psychisch en sociaal functioneren.

2.1 Relatie tussen CLB en school

 

De school en het CLB hebben een gezamenlijk beleidscontract opgesteld dat de aandachtspunten voor de leerlingenbegeleiding vastlegt. Dit beleidscontract is met de ouders besproken in de schoolraad.

Als de school aan het CLB vraagt om een leerling te begeleiden, zal het CLB een begeleidingsvoorstel doen. Het CLB zet de begeleiding slechts voort als de ouders van de leerling hiermee instemmen. Vanaf de leeftijd van 12 jaar vermoedt de regelgever dat een kind voldoende competent is om zelfstandig te beslissen of hij/zij wil instemmen met het voorgestelde begeleidingsplan.

Het centrum heeft recht op de relevante informatie die over de leerlingen in de school aanwezig is en de school heeft recht op de relevante informatie over de leerlingen in begeleiding. Ze houden allebei bij het doorgeven en het gebruik van deze informatie rekening met de geldende regels inzake het beroepsgeheim, de deontologie en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.

2.2 Relatie tussen CLB, de leerlingen en hun ouders

 

Niet alleen de school, maar ook de leerlingen en ouders kunnen het CLB om hulp vragen. Het CLB werkt gratis en discreet. Het centrum, de school en de ouders dragen een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

Ouders zijn verplicht hun medewerking te verlenen aan:

- de begeleiding van leerlingen die spijbelen. Als de betrokken ouders niet ingaan op de initiatieven van het centrum, meldt het centrum dit aan de door de Vlaamse regering aangeduide instantie;

 

7 Decreet betreffende de centra voor leerlingenbegeleiding: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 01/12/1998

- collectieve medische onderzoeken en/of preventieve gezondheidsmaatregelen
i.v.m. besmettelijke ziekten8. De ouders of de leerling vanaf 12 jaar kunnen zich verzetten tegen het uitvoeren van een algemeen of gericht consult door een bepaalde arts van het CLB. Binnen een termijn van negentig dagen dient de persoon die verzet aantekent, het verplichte consult te laten uitvoeren door een andere arts van hetzelfde CLB, een arts van een ander CLB of een andere arts buiten het CLB die beschikt over het nodige bekwaamheidsbewijs. In dat laatste geval zijn de kosten ten laste van de ouders.

 

Het centrum maakt zijn werking bekend aan de ouders. Dat gebeurt minstens op het ogenblik dat de leerling voor de eerste keer wordt ingeschreven in de school. Ouders krijgen informatie over de rechten en plichten van ouders, leerlingen, de school en het centrum.

De regering kan het centrum verplichten vormen van begeleiding voor deelgroepen van leerlingen, ouders en scholen voor te stellen. Het staat deze leerlingen, ouders en scholen vrij om al dan niet op dit verzekerd aanbod in te gaan.

Als een leerling van school verandert, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot de leerling is ingeschreven in een school die door een ander centrum wordt bediend.

Als een leerling voor een bepaalde periode niet ingeschreven is in de school, behoudt het centrum zijn bevoegdheid en verantwoordelijkheid ten aanzien van die leerling tot het einde van de periode van niet-inschrijving.

2.3 Het multidisciplinair dossier9

Het centrum legt voor elke leerling voor wie een begeleiding wordt gestart, één multidisciplinair dossier aan. Het multidisciplinair dossier van de leerling bevat alle voorhanden zijnde gegevens die over de leerling op het centrum aanwezig zijn. Als een leerling van school verandert en onder toezicht van een ander CLB komt te staan, is het CLB dat de vorige school begeleidt, ervoor verantwoordelijk dat het CLB-dossier de leerling volgt. Er is geen toestemming van de ouders of de leerling vereist om een multidisciplinair dossier over te dragen.10
Er bestaat maar één CLB- dossier en dit dossier is in principe een ondeelbaar geheel. Daarom wordt het bij schoolveranderen in één zending overgemaakt. Elk CLB is eraan gehouden de ouders of de leerling te informeren over het doorgeven van het dossier. Er wordt een wachttijd van 10 dagen gerespecteerd na het informeren van de ouders of de leerling. De ouders of de leerling kunnen afzien van die wachttijd. Er kan binnen die 10 dagen verzet aangetekend worden tegen het overmaken van de niet-verplichte gegevens uit het dossier. Er kan geen verzet aangetekend worden tegen de overdracht van volgende gegevens: identificatiegegevens, vaccinatiegegevens, gegevens in het kader van de verplichte CLB-opdrachten, bijzondere consulten en de medische onderzoeken uitgevoerd als vorm van nazorg na een algemeen, een gericht of een bijzonder consult.

8 Omzendbrief ‘Opdrachten voor de Centra voor leerlingenbegeleiding in het kader van de uitvoering van de preventieve gezondheidszorg’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 17/03/2000

9 Omzendbrief ‘ Het multidisciplinair dossier in de centra voor leerlingenbegeleiding’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 18/11/2008

10 Omzendbrief ‘Concrete richtlijnen voor de overdracht van het multidisciplinair dossier’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 31/01/2002

Indien er verzet wordt aangetekend, verzendt het vorige CLB enkel de verplicht over te dragen gegevens samen met een kopie van het verzet. Het bewaart de gegevens waartegen verzet werd aangetekend tot 10 jaar na het laatste contact.

3 INSCHRIJVEN VAN LEERLINGEN

3.1 Toelatingsvoorwaarden11

 

Een inschrijving kan pas ingaan na instemming met het schoolreglement en het pedagogisch project van de school. Bij de inschrijving dient een officieel document te worden voorgelegd dat de identiteit van het kind bevestigt en de verwantschap aantoont (de SIS-kaart, het trouwboekje, het geboortebewijs, een identiteitsstuk van het kind zoals een bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister, een reispas). De inschrijving van een leerling geldt voor de duur van de hele schoolloopbaan in de school.

Alle kleuters en leerlingen worden op de datum van de inschrijving opgenomen in het inschrijvingsregister. Zij worden slechts éénmaal ingeschreven volgens chronologie.

Een kleuter die nog geen 2 jaar en 6 maanden is, kan ingeschreven worden. Maar pas wanneer de kleuter voldoet aan de toelatingsvoorwaarde (2,5 jaar zijn), wordt de kleuter opgenomen in het stamboekregister. Vanaf de volgende instapdatum wordt de kleuter toegelaten in de school en wordt hij/zij opgenomen in het aanwezigheidsregister van de klas. Kleuters zijn niet leerplichtig. Kleuters vanaf 2,5 tot 3 jaar mogen in het kleuteronderwijs op school aanwezig zijn op de volgende instapdagen:

-      de eerste schooldag na de zomervakantie;

-      de eerste schooldag na de herfstvakantie;

-      de eerste schooldag na de kerstvakantie ;

-      de eerste schooldag van februari ;

-      de eerste schooldag na de krokusvakantie ;

-      de eerste schooldag na de paasvakantie.

-      de eerste schooldag na hemelvaartsdag.

-      Een kleuter die de leeftijd van drie jaar bereikt heeft, kan elke dag worden ingeschreven en in de school toegelaten zonder rekening te houden met de instapdagen.

-      Om toegelaten te worden tot het lager onderwijs moet de leerling 6 jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Een leerling die 5 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar kan reeds in het lager onderwijs ingeschreven worden. Deze afwijking blijft beperkt tot één jaar.

Vanaf 1 september 2009 geldt voor inschrijvingen vanaf het schooljaar 2010-2011 onderstaande regeling:

11 Decreet basisonderwijs: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 25/02/1997; Omzendbrief ‘Toelatingsvoorwaarden leerlingen in het gewoon basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 10/08/2001

 

Om toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling zes jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Als hij nog niet de leeftijd van zeven jaar heeft bereikt of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet hij bovendien aan een van de volgende voorwaarden voldoen:

1° het voorgaande schooljaar ingeschreven zijn geweest in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode gedurende ten minste 220 halve dagen aanwezig zijn geweest;

2° voldoen aan een proef die de kennis van het Nederlands, nodig om het lager onderwijs aan te vatten, peilt. De Vlaamse Regering legt de inhoud van die taalproef vast. Het CLB waarmee de school waar de betrokken leerling zich aanbiedt een beleidscontract heeft, is bevoegd die taalproef af te nemen;

3° beschikken over een bewijs dat hij het voorafgaande schooljaar onderwijs heeft genoten in een Nederlandstalige onderwijsinstelling uit een lidstaat van de Nederlandse Taalunie.

Met uitzondering van de leeftijdsvereiste is deze regeling niet van toepassing op leerlingen die worden ingeschreven in Franstalige scholen in de rand- en taalgrensgemeenten die deel uitmaken van het Nederlandse taalgebied.

Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar kan in het lager onderwijs ingeschreven worden, op voorwaarde dat hij tijdens het voorafgaande schooljaar

was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en gedurende die periode ten minste 185 halve dagen aanwezig was geweest.

Een leerling die 5 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar en die tijdens het voorafgaande schooljaar niet was ingeschreven in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs, kan in het lager onderwijs worden ingeschreven op basis van een taalproef .

3.2 Weigering van inschrijving12 13

 

Ouders hebben het recht om hun kind in te schrijven in de school van hun keuze. Toch kan de school een leerling weigeren onder bepaalde omstandigheden.

-      1. Het schoolbestuur weigert de inschrijving van de betrokken leerling die het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar door een tuchtmaatregel definitief werd uitgesloten in de school.

-      2. Kinderen kunnen specifieke noden hebben. Van ouders wordt verwacht dat zij dit meedelen aan de school. De school zal bij leerlingen met een inschrijvingsverslag buitengewoon onderwijs, type 8 uitgezonderd, onderzoeken of haar draagkracht voldoende groot is om het kind de nodige ondersteuning te geven op het vlak van onderwijs, therapie en verzorging. Indien de ouders, bij inschrijving, nalaten om mee te delen dat hun kind een attest buitengewoon onderwijs heeft en er de eerste

 

12 Decreet betreffende gelijke onderwijskansen: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 28/06/2002

13 Omzendbrief “Het gelijke onderwijskansenbeleid voor het basisonderwijs”: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 13/06/2006

 

weken na de inschrijving een vermoeden is van specifieke noden, zal de school haar draagkracht alsnog onderzoeken.

Bij het onderzoek naar de draagkracht houdt de school, in overleg met de ouders en het CLB, rekening met:

- De verwachtingen van de ouders ten aanzien van het kind en ten aanzien van de school;

- De concrete ondersteuningsnoden van de leerling op het vlak van leergebieden, sociaal functioneren, communicatie en mobiliteit;

- Een inschatting van het regulier aanwezig draagvlak van de school inzake zorg;

- De beschikbare ondersteunende maatregelen binnen én buiten het onderwijs;

- Het intensief betrekken van de ouders bij de verschillende fasen van het overleg- en beslissingsproces.

 

Het kind wordt ingeschreven onder de ontbindende voorwaarde van het aantonen van onvoldoende draagkracht.

3. Het schoolbestuur kan omwille van materiële omstandigheden een maximumcapaciteit invoeren. Wanneer deze maximumcapaciteit overschreden wordt, moet de school de leerling weigeren.

De beslissing tot weigering wordt binnen vier kalenderdagen (eventueel na onderzoek van de draagkracht van de school) bij aangetekend schrijven of tegen afgiftebewijs aan de ouders van de leerling bezorgd. Ouders krijgen toelichting bij de beslissing van het schoolbestuur.

Bij een weigering op draagkracht wordt door het Lokaal Overlegplatform (LOP) onmiddellijk, en zonder te wachten op de vraag van de ouders, een bemiddelingsprocedure opgestart. Bij weigering op basis van de andere redenen start het LOP alleen een bemiddeling wanneer de ouders er uitdrukkelijk om verzoeken. Indien de school niet behoort tot een LOP zal het Departement Onderwijs een nabijgelegen LOP aanduiden. Na de bemiddeling door het Lokaal Overleg Platform kunnen ouders alsnog een klacht indienen bij de Commissie inzake Leerlingenrechten.

3.3 Leerplicht14

In september van het jaar waarin het kind 6 jaar wordt, is het leerplichtig en wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het op die leeftijd nog in het kleuteronderwijs blijft, is het dus net als elk ander leerplichtig kind onderworpen aan de controle op het regelmatig schoolbezoek.

Een jaar langer in de kleuterschool doorbrengen, vervroegd naar de lagere school komen en een achtste jaar in de lagere school verblijven kan enkel na kennisgeving van en toelichting bij het advies van de klassenraad en van het CLB-centrum. De ouders nemen de uiteindelijke beslissing.

14 Wet betreffende de leerplicht: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > goedkeuringsdatum op 29/06/1983

In het gewoon onderwijs kan een leerling minimum 4 jaar en maximum 8 jaar in het lager onderwijs doorbrengen, met dien verstande dat een leerling die 15 jaar wordt vóór 1 januari geen lager onderwijs meer kan volgen.

De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten van hun leerlingengroep te volgen. Om gezondheidsredenen kunnen er, in samenspraak met de directeur, eventueel aanpassingen gebeuren.

4 AFWEZIGHEDEN15

De regelgeving op afwezigheden is van toepassing op leerplichtige kinderen in het gewoon basisonderwijs. De regelgeving is ook van toepassing op leerlingen die, wegens verlengd kleuterschoolbezoek, op zesjarige leeftijd nog in het kleuteronderwijs zitten. Zij zijn op basis van hun leeftijd leerplichtig. Ook leerlingen die reeds op vijfjarige leeftijd zijn overgestapt naar het lager onderwijs vallen onder de reglementering. Niet-leerplichtige leerlingen in het kleuteronderwijs kunnen niet onwettig afwezig zijn, aangezien ze niet onderworpen zijn aan de leerplicht en dus niet steeds op school moeten aanwezig zijn.

Het is belangrijk dat kleuters regelmatig naar school komen. Kinderen die activiteiten missen lopen meer risico om te mislukken en raken minder goed geïntegreerd in de klasgroep. We verwachten dat de ouders ook de afwezigheden van hun kleuter onmiddellijk melden omwille van veiligheidsoverwegingen.

4.1 Afwezigheden wegens ziekte

Voor ziekte tot en met drie opeenvolgende kalenderdagen volstaat een briefje van de ouders. Dergelijk briefje kan slechts vier keer per schooljaar door de ouders zelf geschreven worden. Vanaf de vijfde keer is een medisch attest vereist.

Is een kind méér dan drie opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is steeds een medisch attest vereist. Dat attest kan afkomstig zijn van een geneesheer, een geneesheer-specialist, een psychiater, een tandarts, een orthodontist en de administratieve diensten van een ziekenhuis of een erkend labo. Consultaties ( zoals bijvoorbeeld een bezoek aan de tandarts), moeten zoveel mogelijk buiten de schooluren plaatsvinden.

Wanneer een kind een chronische ziekte heeft die leidt tot verschillende afwezigheden zonder dat telkens een doktersconsultatie noodzakelijk is (bijv. astma, migraine,...) is het goed contact op te nemen met de school en het CLB. Het CLB kan dan een medisch attest opmaken dat de ziekte bevestigt. Wanneer een afwezigheid om deze reden zich dan effectief voordoet, volstaat een attest van de ouders.

Een medisch attest wordt beschouwd als twijfelachtig in volgende gevallen:

-      het attest geeft zelf de twijfel van de geneesheer aan wanneer deze schrijft “dixit de patiënt”;

 

15 Omzendbrief ‘Afwezigheden van leerlingen in het basisonderwijs’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via de metagegevens > publicatiedatum op 16/08/2002

 

 

-      het attest is geantedateerd of begin- en einddatum werden ogenschijnlijk vervalst;

-      het attest vermeldt een reden die niets met de medische toestand van de leerling te maken heeft zoals bv. de ziekte van één van de ouders, hulp in het huishouden.

 

De school zal het CLB contacteren telkens ze twijfels heeft over een medisch attest.

4.2 Van rechtswege gewettigde afwezigheden.

In volgende situaties kan een kind gewettigd afwezig zijn. De ouders moeten een document met officieel karakter (1 - 5) of een verklaring (6) kunnen voorleggen ter staving van de afwezigheid. Voor deze afwezigheden is geen voorafgaand akkoord van de directeur nodig. De ouders verwittigen de school vooraf van dergelijke afwezigheden.

-      1. het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van iemand die onder hetzelfde dak woont als het kind, of van een bloed- of aanverwant van het kind;

-      2. het bijwonen van een familieraad;

-      3. de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank (bijvoorbeeld wanneer het kind in het kader van een echtscheiding moet verschijnen voor de jeugdrechtbank);

-      4. het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg (bijvoorbeeld opname in een onthaal-, observatie- en oriëntatiecentrum);

-      5. de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht (bijvoorbeeld door staking van het openbaar vervoer, door overstroming,...) ;

-      6. het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling (anglicaanse, islamitische, joodse, katholieke, orthodoxe, protestants-evangelische godsdienst)

Concreet gaat het over: - islamitische feesten: het Suikerfeest en het Offerfeest ( telkens 1 dag); - joodse feesten: het joods Nieuwjaar ( 2 dagen), de Grote Verzoendag (1 dag), het Loofhuttenfeest (2 dagen), het Slotfeest (2 laatste dagen), de Kleine Verzoendag (1 dag), het feest van Esther (1 dag), het Paasfeest (4 dagen), het Wekenfeest (2 dagen); - orthodoxe feesten: Kerstfeest (2 dagen), voor de jaren waarin het orthodox Kerstfeest niet samenvalt met het katholiek Kerstfeest, Paasmaandag, Hemelvaart en Pinksteren voor de jaren waarin het orthodox Paasfeest niet samenvalt met het katholieke Paasfeest.

 

De katholieke feestdagen zijn reeds vervat in de wettelijk vastgelegde vakanties. De protestants-evangelische en de anglicaanse godsdienst hebben geen feestdagen die hiervan afwijken.

4.3 Afwezigheden waarvoor de toestemming van de directeur nodig is.

Deze categorie afwezigheden verleent de school autonomie om in te spelen op specifieke situaties die niet altijd door de regelgeving op te vangen zijn. Indien de directeur akkoord is en mits voorlegging van, naargelang het geval, een officieel document of een verklaring van de ouders, kan de leerling gewettigd afwezig zijn om één van de onderstaande redenen:

1. het overlijden van een persoon die onder hetzelfde dak woont als het kind of van een bloed- of aanverwant tot en met de tweede graad. ( Voor de dag van de begrafenis zelf is geen toestemming van de directeur nodig. Het gaat hier over een periode die het kind eventueel nodig heeft om emotioneel evenwicht terug te vinden

 

 

 

(rouwperiode)). Mits toestemming van de directeur kan zo ook een begrafenis van een bloed- of aanverwant in het buitenland bijgewoond worden.

2. het actief deelnemen aan een culturele of sportieve manifestatie, indien het kind hiervoor als individu of als lid van een club geselecteerd is. Het bijwonen van trainingen komt niet in aanmerking, wel bijv. de deelname aan een kampioenschap/competitie. Het kind kan maximaal 10 halve schooldagen per schooljaar hiervoor afwezig zijn (hetzij achtereenvolgend, hetzij gespreid over het schooljaar).

3. de deelname aan time-out-projecten. Deze afwezigheden komen in het basisonderwijs zelden voor, maar in die situaties waarin voor een leerling een time-outproject aangewezen is, is het in het belang van de leerling aangewezen om dit als een gewettigde afwezigheid te beschouwen. Voor sommige leerlingen is er geen andere oplossing dan hen tijdelijk te laten begeleiden door een externe gespecialiseerde instantie;

4. in echt uitzonderlijke omstandigheden afwezigheden voor persoonlijke redenen. Voor deze afwezigheden moet de directeur op voorhand zijn akkoord verleend hebben. Het gaat om maximaal 4 halve schooldagen per schooljaar (al dan niet gespreid).

5. afwezigheden wegens topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek.

 

Dit kan slechts toegestaan worden voor maximaal 6 lestijden per week, mits het vooraf indienen van een dossier met de volgende elementen:

-      een gemotiveerde aanvraag van de ouders;

-      een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie;

-      een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;

-      een akkoord van de directie.

 

Deze vijf categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen recht dat ouders kunnen opeisen. Enkel de directeur kan autonoom beslissen om deze afwezigheden toe te staan. De directeur mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.

4.4 Afwezigheden van kinderen van trekkende bevolking, in zeer uitzonderlijke omstandigheden.

De volgende regels zijn van toepassing op de kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners. Ze zijn niet van toepassing op kinderen die behoren tot de trekkende bevolking maar die ter plaatse verblijven (bijvoorbeeld in een woonwagenpark). Die kinderen moeten elke dag op school aanwezig zijn.

Ouders behorend tot de categorie trekkende bevolking die hun kind inschrijven in een school, moeten er - net als alle andere ouders - op toezien dat hun kind elke dag op school aanwezig is. In uitzonderlijke omstandigheden kunnen zich situaties voordoen waarbij het onvermijdelijk is dat het kind tijdelijk met de ouders meereist. Deze situaties moeten op voorhand goed met de school besproken worden. De ouders maken samen met de school duidelijke afspraken over hoe het kind in die periode met behulp van de school verder de onderwijstaken zal vervullen (de school zorgt voor een vorm van onderwijs op afstand) en over hoe de ouders met de school in contact zullen blijven. Deze afspraken moeten in een overeenkomst tussen de ouders en de school neergeschreven worden. Enkel als de ouders hun engagementen naleven is het kind gewettigd afwezig.

4.5 Problematische afwezigheden.

Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden. De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid. Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch afwezig is, stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs. School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.

5 ONDERWIJS AAN HUIS16

Leerlingen vanaf 5 jaar (d.w.z. leerlingen die vijf jaar of ouder geworden zijn vóór 1 januari van het lopende schooljaar) hebben recht op tijdelijk onderwijs aan huis (kleuter- of lager onderwijs; 4 lestijden per week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:

1. De leerling is meer dan 21 kalenderdagen ononderbroken afwezig wegens ziekte of ongeval (vakantieperiodes meegerekend).

2. De ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de thuisschool. De aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet of minder dan halftijds kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen.

3. De afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats van betrokken leerling bedraagt ten hoogste 10 km.

 

Specifieke situatie bij chronische ziekte (=een ziekte die een continue of repetitieve behandeling van minstens 6 maanden noodzaakt):

1. voor chronisch zieke kinderen vervalt de wachttijd van 21 kalenderdagen. Deze kinderen hebben recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aan huis na 9 halve schooldagen afwezigheid (moeten niet in een ononderbroken periode doorlopen). Telkens het kind daarop opnieuw 9 halve schooldagen afwezigheid heeft opgebouwd, heeft het opnieuw recht op 4 uur tijdelijk onderwijs aanhuis;

2. voor chronisch zieke leerlingen moet bij de eerste aanvraag tijdens het betrokken schooljaar een medisch attest worden gevoegd, uitgereikt door een geneesheer-specialist, dat het chronisch ziektebeeld bevestigt en waaruit blijkt dat het kind onderwijs mag krijgen. Bij een nieuwe afwezigheid ten gevolge van deze chronische ziekte tijdens hetzelfde schooljaar is geen nieuw medisch attest vereist. Er dient wel een nieuwe aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis ingediend te worden.

6 ORDE- EN TUCHTMAATREGELEN17

In uitzonderlijke gevallen kan een school een leerplichtig kind als tuchtmaatregel schorsen of uitsluiten. Deze beslissing wordt genomen door het schoolbestuur, of bij delegatie door de directeur. In de praktijk zal schorsing of uitsluiting in het basisonderwijs allicht zelden voorkomen. In gevallen waar het gedrag van een leerling het recht op onderwijs van de medeleerlingen in het gedrang brengt, moet er evenwel een ernstige sanctie mogelijk zijn. Beide maatregelen (schorsen en uitsluiten) kunnen

16 Omzendbrief ‘Onderwijs aan huis’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via metadata > publicatiedatum op 17/06/1997

17 Omzendbrief ‘Schorsen en uitsluiten van leerlingen’: www.ond.vlaanderen.be/edulex/ > zoeken via metadata > publicatiedatum 10/11/1998

 

dus enkel toegepast worden op leerlingen waarmee een school zware tuchtproblemen heeft. Aangezien we er vanuit kunnen gaan dat dergelijke zware tuchtproblemen zich niet voordoen bij kleuters, zal allicht geen enkele school kleuters uitsluiten of schorsen. Schorsing en uitsluiting is ook niet bedoeld om een verstoorde communicatie tussen school en ouders te beslechten. Schorsing en uitsluiting kunnen evenmin door het schoolbestuur (of de directie) gebruikt worden als oplossing voor een leerling met een besmettelijke ziekte (bijv. luizen). Bij besmettelijke ziekten kan immers alleen de arts van het Centrum voor Leerlingenbegeleiding beslissen welke maatregelen aangewezen zijn.

6.1 Schorsen

Een schorsing betekent dat de gesanctioneerde leerling het recht op onderwijs tijdelijk (gedurende een bepaalde periode) ontnomen wordt. Deze leerling mag dan de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen, maar moet wel op school zijn.

6.2 Uitsluiten

Bij een uitsluiting ontneemt het schoolbestuur (of bij delegatie de directeur) de gesanctioneerde leerling definitief (d.w.z. voor de rest van het lopende schooljaar) het recht op onderwijs in zijn scho(o)l(en). Deze leerling wordt definitief uit de school verwijderd, op het ogenblik dat hij in een andere school ingeschreven is en uiterlijk één maand, vakantieperioden niet inbegrepen, na de schriftelijke kennisgeving van uitsluiting door de school. In afwachting bevindt de leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste leerling. Ook deze leerling moet dus op school opgevangen worden. Geschorste en uitgesloten leerplichtigen effectief uit de school verwijderen zou er immers toe kunnen leiden dat ze in een ernstige spijbelproblematiek vervallen of zelfs “nergens-ingeschreven leerlingen” worden, die dus niet meer voldoen aan de leerplicht.

Om te vermijden dat het verantwoordelijk blijven van de school ertoe leidt dat ouders van een uitgesloten leerling geen inspanningen doen om hun kind in een andere school in te schrijven, is een termijn voorzien waarna de sanctie van uitsluiting effectief uitwerking krijgt. Deze termijn is vastgesteld op een maand, vakantieperioden niet inbegrepen. Is een kind een maand na de schriftelijke kennisgeving nog niet in een nieuwe school ingeschreven, dan is de oude school dus niet langer verantwoordelijk voor de opvang van de uitgesloten leerling. Het zijn uiteindelijk de ouders die erop moeten toezien dat hun kind aan de leerplicht voldoet.

De school doet er in elk geval goed aan om bij uitsluiting het bevoegde CLB in te schakelen om samen naar een oplossing te zoeken.

6.3 Procedure bij schorsing voor meer dan één dag en bij uitsluiting van leerlingen

Bij schorsing voor meer dan één dag of bij uitsluiting moet steeds een procedure gevolgd worden. Deze procedure wordt opgenomen in het schoolreglement en respecteert volgende principes:

- het voorafgaandelijk advies van de klassenraad moet ingewonnen worden;

- de ouders hebben inzage in het tuchtdossier en worden gehoord;

- de genomen beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk ter kennis gebracht aan de ouders.

Een leerling die in een school ingeschreven is, maar het volgend schooljaar niet meer welkom is in deze school, kan beschouwd worden als een uitgesloten leerling wanneer de in het schoolreglement opgenomen procedure gevolgd wordt.

7 GETUIGSCHRIFT BASISONDERWIJS18

Het schoolbestuur kan, op voordracht en na beslissing van de klassenraad, een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan een regelmatige leerling uit het gewoon lager onderwijs. Een regelmatige leerling is volgens het Decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 een leerling die slechts in één school ingeschreven is. In het basisonderwijs, of als leerplichtige in het kleuteronderwijs, moet de leerling daarenboven aanwezig zijn, behoudens gewettigde afwezigheid, en deelnemen aan alle onderwijsactiviteiten die voor hem of zijn leergroep worden georganiseerd.

De klassenraad oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in voldoende mate, de doelen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt, om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen. De beslissing van de klassenraad is steeds het resultaat van een weloverwogen evaluatie in het belang van de leerling.

Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een attest afgeleverd door de directie met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde leerjaren lager onderwijs.

8 FINANCIËLE BIJDRAGE19

Voor scholen van het gesubsidieerd basisonderwijs kan geen direct of indirect inschrijvingsgeld gevraagd worden. Evenmin kunnen er bijdragen worden gevraagd voor materialen die gebruikt worden om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven. Het Vlaams Parlement heeft een lijst vastgelegd met materialen die kosteloos ter beschikking moeten worden gesteld om de eindtermen te realiseren of de ontwikkelingsdoelen na te streven. Lijst met materialen - Bewegingsmateriaal - Constructiemateriaal - Handboeken, schriften, werkboeken en –blaadjes, fotokopieën, software - ICT-materiaal - Informatiebronnen - Kinderliteratuur - Knutselmateriaal - Leer- en ontwikkelingsmateriaal - Meetmateriaal - Multimediamateriaal - Muziekinstrumenten